Artikel 8:21 Algemene wet bestuursrecht

Lid 1

Natuurlijke personen, onbekwaam om in rechte te staan, worden in het geding vertegenwoordigd door hun vertegenwoordigers naar burgerlijk recht. De wettelijke vertegenwoordiger behoeft niet de machtiging van de kantonrechter, bedoeld in artikel 349 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.

Lid 2

De in het eerste lid bedoelde personen kunnen zelf in het geding optreden, indien zij tot redelijke waardering van hun belangen in staat kunnen worden geacht.

Lid 3

Indien geen wettelijke vertegenwoordiger aanwezig is, of deze niet beschikbaar is en de zaak spoedeisend is, kan de bestuursrechter een voorlopige vertegenwoordiger benoemen. De benoeming vervalt zodra een wettelijke vertegenwoordiger aanwezig is of de wettelijke vertegenwoordiger weer beschikbaar is.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 8:21 Awb is sinds 2017 in 14 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Midden-Nederland, Hof Arnhem-Leeuwarden en Rb. Gelderland.

  • ECLI:NL:HR:2018:913 — 15-06-2018 Hoge Raad
    art. 8:24 Awb jo. art. 29 AWR. Zaakwaarneming (art. 6:198 BW). Kan een belanghebbende in het geding worden vertegenwoordigd door een zaakwaarnemer? Vergoeding immateriële schade (HR 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:252, BNB 2016/140).
  • ECLI:NL:CRVB:2017:1116 — 21-03-2017 CRvB
    Bewindvoerder of appellant, als saniet, bevoegd tot instellen beroep in verband met schuldsaneringsregeling. Bewindvoerder bevoegd ten aanzien van intrekking en terugvordering in schuldsaneringsperiode ten aanzien van terugvordering over periode van na uitspraak…
  • ECLI:NL:GHARL:2026:1679 — 18-03-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Artikel 8:21 Awb. Een onder bewind gestelde moet zich in beginsel laten vertegenwoordigen door zijn bewindvoerder. Als het beroep door de betrokkene zelf is ingesteld, is sprake van een bevoegdheidsgebrek. Dit kan worden hersteld door de bewindvoerder in rechte te betrekken.…
  • ECLI:NL:GHDHA:2025:2274 — 30-09-2025 Hof Den Haag
    Parkeerbelasting. Het geschrift met de gronden van het hoger beroep van de Heffingsambtenaar hoefde niet direct aan de bewindvoerder van belanghebbende te worden gestuurd. Dat de bewindvoerder en de gemachtigde dit geschrift hierdoor te laat ontvingen om nog tijdig incidenteel…
  • ECLI:NL:GHARL:2023:10776 — 19-12-2023 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Art. 1:234 BW, 1:245 lid 4 en 1:250 BW; Art. 6, 8 en 13 EVRM; art. 7, 8 en 47 Handvest; art. 14 BuPo; art. 12 lid 2 VRK; art. 94 Gw; art. 8 en 79 AVG; art. 8:21 lid 2 Awb; Hoger beroep; Kan een 17-jarige een vordering instellen bij de civiele rechter op grond van schending van…

Bekijk alle 14 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.