Artikel 17 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
Lid 1
De vakantiebijslag, waarop de werknemer over het loon en de uitkeringen krachtens de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1 of de artikelen 4:2b of 6:3 van de Wet arbeid en zorg en de Werkloosheidswet, voor zover een en ander over het tijdvak tot en met 31 mei van het lopende jaar opeisbaar is geworden, recht heeft verworven, wordt behoudens het bepaalde in de volgende leden in de maand juni uitbetaald.
Lid 2
Bij publiekrechtelijke regeling of schriftelijke overeenkomst kan ter zake van het tijdstip van uitbetaling van het eerste lid worden afgeweken, met dien verstande, dat uitbetaling ten minste eenmaal per kalenderjaar dient te geschieden.
Lid 3
Bij het einde van de dienstbetrekking wordt aan de werknemer het bedrag aan vakantiebijslag uitbetaald, waarop hij op dat tijdstip recht heeft verworven.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 17 WML is sinds 2011 in 12 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Rb. Noord-Holland en Rb. Den Haag.
- ECLI:NL:GHDHA:2023:1781 — 19-09-2023 Hof Den Haag
Vakantiebijslag over toeslagen en overwerk? All-in bedragen? wijziging door dynamisch incorporatiebeding? derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid? - ECLI:NL:RBDHA:2026:22514 — 06-08-2026 Rb. Den Haag
Vakantiegeld. WML. Verjaring. Informatieplicht. Klachtplicht. Schadevergoeding. Wettelijke verhoging. - ECLI:NL:RBDHA:2026:10460 — 30-04-2026 Rb. Den Haag
Werknemer maakt aanspraak op vakantiebijslag. Mislopen van vakantiebijslag is niet het gevolg van schending van de informatieplicht. Arbeidsovereenkomst verplicht niet tot afzonderlijke betaling van vakantiebijslag. WML verplicht daar wel toe en partijen zijn niet afgeweken van… - ECLI:NL:RBROT:2024:12657 — 09-12-2024 Rb. Rotterdam
Ontslag op staande voet is niet rechtsgeldig gegeven. De werkweigering vormt geen dringende reden. Ook geen onverwijld ontslag en onverwijlde mededeling. Billijke vergoeding van € 10.000 en transitievergoeding. - ECLI:NL:RBNHO:2024:9690 — 19-09-2024 Rb. Noord-Holland
Vordering in kort geding tot betaling van (inmiddels voldaan) achterstallig loon met nevenvorderingen. Spoedeisend belang. De vorderingen worden grotendeels toegewezen.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.