Artikel 4 Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)
De Unie heeft een met de lidstaten gedeelde bevoegdheid in de gevallen waarin haar in de Verdragen een bevoegdheid wordt toegedeeld die buiten de in de artikelen 3 en 6 bedoelde gebieden valt.
De gedeelde bevoegdheden van de Unie en de lidstaten betreffen in het bijzonder de volgende gebieden:
interne markt;
sociaal beleid, voor de in het onderhavige Verdrag genoemde aspecten;
economische, sociale en territoriale samenhang;
landbouw en visserij, met uitsluiting van de instandhouding van de biologische rijkdommen van de zee;
milieu;
consumentenbescherming;
vervoer;
trans-Europese netwerken;
energie;
de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht;
gemeenschappelijke veiligheidsvraagstukken op het gebied van volksgezondheid, voor de in het onderhavige Verdrag genoemde aspecten.
Op het gebied van onderzoek, technologische ontwikkeling en de ruimte is de Unie bevoegd op te treden, en met name door programma's vast te stellen en uit te voeren; de uitoefening van die bevoegdheid belet de lidstaten niet hun eigen bevoegdheid uit te oefenen.
Op het gebied van ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp is de Unie bevoegd op te treden en een gemeenschappelijk beleid te voeren; de uitoefening van die bevoegdheid belet de lidstaten niet hun eigen bevoegdheid uit te oefenen.
Geconsolideerde tekst van 15-03-2025 (bron: EUR-Lex). Juridisch bindend is alleen de tekst in het Publicatieblad van de EU.
Recente uitspraken
Art. 4 VWEU is sinds 2012 in 21 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Den Haag, Rb. Den Haag en Rb. Midden-Nederland.
- ECLI:NL:GHDHA:2026:661 — 24-03-2026 Hof Den Haag
vordering tot vernietiging internationaal arbitraal vonnis, arbitrageclausule in Intra-EU-BIT, strijd met Achmea-jurisprudentie van HvJ EU, ambtshalve toetsing aan dwingend EU-recht, vernietiging wegens strijd met openbare orde ex art. 1065 lid 1 onder e Rv, analoge toepassing… - ECLI:NL:GHSHE:2021:2341 — 27-07-2021 Hof 's-Hertogenbosch
Kartelschadezaak. Cessies. Verzelfstandiging van Deutsche Bahn AG. Rechtsdienstleistungsgesetz. Aansprakelijkheid moedermaatschappijen. - ECLI:NL:GHDHA:2021:1365 — 15-07-2021 Hof Den Haag
Art. 6 AOW. Art. 11, lid 2, Rijnvarendenverdrag. Art. 1, c, en art. 4, lid 2, Rijnvarendenovereenkomst. Premieheffing volksverzekeringen Rijnvarende van 1 januari 2007 t/m 26 september 2007 en 2010 t/m 2012. Exploitant schip is in Nederland gevestigd, de werkgever in Luxemburg.… - ECLI:NL:GHDHA:2021:1191 — 09-06-2021 Hof Den Haag
Art. 6 AOW. Art. 11, lid 2, Rijnvarendenverdrag. Art. 1, c, en art. 4, lid 2, Rijnvarendenovereenkomst. Premieheffing volksverzekeringen 2010 en 2011 van Rijnvarende. Exploitant schip is in Nederland gevestigd. Werkgever is t/m 31 juli 2011 in Luxemburg en vanaf 1 augustus 2011… - ECLI:NL:GHDHA:2021:1050 — 27-05-2021 Hof Den Haag
Rijnvarende. Exploitant schip is in Nederland gevestigd. Werkgever in Luxemburg. X is in 2011 op grond van Rijnvarendenovereenkomst verzekerd en premieplichtig voor de Nederlandse volksverzekeringen. Art. 16 ToepassingsVo. (EG) 987/2009 staat niet in de weg aan bevoegdheid tot…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.