ECLI:NL:RBZWB:2026:7977

Datum uitspraak
21-07-2026
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Zaaknummer
C/02/449881 / FA RK 26-3379
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Afwijzing verzoek voor een zorgmachtiging. Betrokkene werkt op vrijwillige basis mee.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/449881 / FA RK 26-3379

Datum uitspraak: 21 juli 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1994 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. J. Nederlof uit Tilburg.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 1 juli 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 21 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;

  • de heer [persoon 1], casemanager;

  • de heer [persoon 2], verpleegkundig specialist;

  • mevrouw [persoon 3], gedragsdeskundige [stichting];

  • mevrouw [persoon 4], trajectbegeleider [stichting].

Tevens was aanwezig tijdens de mondelinge behandeling, maar is niet gehoord, mevrouw [persoon 5], psycholoog.

1.3.

De officier van justitie is zoals zij reeds aangaf in het verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord.

2 Het verzoek

2.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.

3 De standpunten

3.1.

Betrokkene zegt dat het redelijk met haar gaat. Het gaat beter dan een maand geleden, maar ze voelt zich al heel lang een beetje depri en down. Het incident met het bierflesje was volgens betrokkene een impuls. Het was onvoorbereid en ze zat naar eigen zeggen hoog in haar emoties. Betrokkene vindt het gebruik van medicatie en het contact hebben met het FACT-team prima; dat gaat goed. Ze heeft soms wel wat twijfels over de dosering van de medicatie. Ze heeft weleens last van bijwerkingen.

3.2.

De verpleegkundig specialist zegt dat het verzoek voor de zorgmachtiging vanuit de huisarts komt. Hij heeft opname daar ook in opgenomen, maar uit het verleden blijkt juist dat dat contra-geïndiceerd is. De verpleegkundig specialist vindt het moeilijk te overzien of een opnamemogelijkheid noodzakelijk is. Wanneer betrokkene zichzelf weer zou snijden, wel, maar het is de afgelopen jaren niet nodig geweest. De verpleegkundig specialist geeft de voorkeur aan zorg op vrijwillige basis. Betrokkene neemt haar medicatie en het lukt om afspraken te maken.

3.3.

De gedragsdeskundige zegt dat betrokkene het steeds heeft over haar vorige woonlocatie en waarom ze daar niet geholpen werd. De gedragsdeskundige geeft aan dat betrokkene op haar huidige woonplek gewoon kan blijven wonen. Met betrekking tot de zorg wordt er gekeken naar wat er nodig is voor betrokkene. De gedragsdeskundige zegt geen voorstander te zijn van iets opleggen of afdwingen, maar de afgelopen tijd zijn er veel incidenten met betrokkene geweest. Die periode gaf betrokkene ook aan geen behandeling te willen. Gelukkig gaat het nu beter, maar de gedragsdeskundige vraagt zich af of dit zo gaat blijven. Het verleden heeft volgens haar laten zien dat er altijd een ommezwaai volgt.

3.4.

De trajectbegeleider ziet dat betrokkene stappen heeft gemaakt. Haar leefomgeving is netter en haar verzorging is beter. Er is weer een gesprek met betrokkene te voeren. Dat was eerder niet zo. Betrokkene was volledig uit de realiteit. Ze merkt ook dat betrokkene het nog veel heeft over haar vorige woonlocatie en waarom ze daar niet is geholpen toen. De trajectbegeleider vindt het een goed idee als er eens nader onderzoek wordt gedaan naar waar de ontregelingen precies vandaan komen.

3.5.

De advocaat zegt dat het uitgangspunt altijd vrijwilligheid is. Als het vrijwillig kan, moet dat. De advocaat hoort daarin een verschil van inzicht tussen de verschillende betrokken partijen. De advocaat pleit voor afwijzing van het verzoek, want op vrijwillige basis is mogelijk. Het FACT-team is aangesloten, waardoor zij tijdig kunnen ingrijpen. Daarnaast zegt betrokkene dat ze haar afspraken nakomt. Mocht de rechtbank hier niet in meegaan dan refereert de advocaat zich aan het oordeel van de rechtbank als het gaat om de psychische stoornis en het ernstig nadeel. Ten aanzien van de vormen van zorg pleit de advocaat dan enkel voor medicatie en contact met het FACT-team zonder het gebruik van communicatiemiddelen. De overige vormen van zorg moeten volgens de advocaat afgewezen worden.

4 De beoordeling

4.1.

Ingevolge artikel 6:4 lid 1 Wvggz verleent de rechter een zorgmachtiging, indien naar haar oordeel is voldaan aan de criteria voor verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:3 Wvggz en het doel van verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:4 sub b tot en met e Wvggz.

4.2.

Ingevolge artikel 3:3 Wvggz kan als uiterste middel verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:1 Wvggz worden verleend, indien het gedrag van een persoon als gevolg van haar psychische stoornis, niet zijnde een psychogeriatrische aandoening of een verstandelijke handicap, leidt tot ernstig nadeel en indien er geen mogelijkheden voor zorg op basis van vrijwilligheid zijn, er voor betrokkene geen minder bezwarende alternatieve met het beoogde effect zijn, het verlenen van verplichte zorg, gelet op het beoogde doel van verplichte zorg, evenredig is en redelijkerwijs te verwachten is dat het verlenen van verplichte zorg effectief is.

4.3.

Hoewel de rechtbank geen reden heeft om te twijfelen aan de in de medische verklaring gestelde psychische stoornis – die ook niet wordt betwist – en deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, is de noodzaak van het toewijzen van een zorgmachtiging naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende onderbouwd. Het gaat beter met betrokkene. Zij accepteert medicatie en stelt zich meewerkend op. Daarnaast is het FACT-team, in tegenstelling tot eerder, nu wel in beeld en kan daardoor signaleren en opschalen wanneer dat nodig is. Gelet op de verklaringen van de verpleegkundig specialist, de casemanager, de gedragsdeskundige en de trajectbegeleider is er daarnaast er op dit moment geen blijk van verzet van betrokkene tegen noodzakelijke zorg. De betrokken begeleiding heeft op basis van het verleden twijfels over of deze vrijwilligheid ook in de toekomst voldoende bestendig zal zijn. De rechtbank begrijpt deze twijfels, maar ziet het verschil erin dat nu het FACT-team betrokken is. Het FACT-team zal zo nodig ook kunnen opschalen naar verplichte zorg, mochten motiverende en coachende gesprekken niet voldoende zijn. De rechtbank heeft er daarmee vertrouwen in dat er voldoende zicht is op betrokkene en dat er makkelijker opgeschaald kan worden in zorg dan dat in het verleden lukte zonder de betrokkenheid van het FACT-team.

4.4.

De rechtbank is van oordeel dat een zorgmachtiging een uiterst middel moet zijn en dat in dit kader onvoldoende is aangevoerd om te stellen dat de verplichte zorg niet in een vrijwillig kader kan geschieden. De rechtbank volgt hierin hetgeen de advocaat heeft aangevoerd.

4.5.

Gelet op al het voorgaande wordt naar het oordeel van de rechtbank aldus niet voldaan aan de criteria die de wet stelt. Immers, er is sprake van vrijwilligheid bij betrokkene en daarmee is er minder bezwarend alternatief die hetzelfde beoogde effect heeft. Dit betekent dat het verzoek zal worden afgewezen.

4.6.

De rechtbank vertrouwt er op dat betrokkene de positief ingezette lijn voort zal zetten, wat betekent dat zij zich aan afspraken houdt en haar medicatie blijft gebruiken.

4.7.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.

5 De beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2026 door mr. Tempel, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 31 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »