Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats: Middelburg
Parketnummer: 02-221176-25
Vonnis van de meervoudige kamer van 21 augustus 2026
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1989,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het [adres] ,
raadsman mr. B. Vermeirssen, advocaat te Kattendijke.
1 Onderzoek op de terechtzitting
De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 07 augustus 2026, waarbij de officier van justitie mr. M.C. Fimerius en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.
Ter zitting is ook de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] behandeld. Zij wordt hierna aangeduid met [slachtoffer] .
2 De tenlastelegging
De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte
1. in de periode van 1 juni 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] [slachtoffer] meermaals heeft verkracht;
2. in de periode van 1 juni 2021 tot en met 30 juni 2021 te [plaats 2] [slachtoffer] samen met [medeverdachte 1] heeft verkracht;
3. op 8 en/of 9 september 2021 te [plaats 1] [slachtoffer] samen met [medeverdachte 2] heeft verkracht;
4. in de periode van 1 september 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] [slachtoffer] meermaals samen met [medeverdachte 3] heeft verkracht;
5. primair: in de periode van 1 september 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] [slachtoffer] meermaals samen met [medeverdachte 4] heeft verkracht;
subsidiair: in de periode van 1 september 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] [slachtoffer] meermaals heeft doen verkrachten door [medeverdachte 4]
6. primair: in de periode van 21 juli 2021 tot en met 31 juli 2021 te [plaats 1] [slachtoffer] heeft verkracht;
subsidiair: in de periode van 21 juli 2021 tot en met 31 juli 2021 te [plaats 1] [slachtoffer] heeft doen verkrachten door [medeverdachte 5] .
3 De voorvragen
De dagvaarding is geldig.
De rechtbank is bevoegd.
De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.
Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.
4 De beoordeling van het bewijs
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte onder feit 1 de verkrachting met de penis heeft begaan. Voor de verkrachtingen met de dildo bevat het dossier onvoldoende steunbewijs. Daarnaast acht de officier van justitie wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de feiten 2, 3 en 5 primair, respectievelijk de verkrachting tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] , heeft begaan. Feit 4 acht zij deels bewezen in die zin dat verdachte samen met [medeverdachte 3] [slachtoffer] eenmaal heeft verkracht. Voor de tweede verkrachting bevat het dossier onvoldoende steunbewijs. Tot slot heeft zij gerequireerd tot vrijspraak van het primair tenlastegelegde onder feit 6 en tot bewezenverklaring van het subsidiair tenlastegelegde, omdat verdachte de verkrachting door [medeverdachte 5] heeft laten uitvoeren en hem als werktuig heeft gebruikt.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen van de ten laste gelegde feiten. [slachtoffer] is een spijtoptant en is in sterke mate beïnvloed door getuige [getuige 1] . De verklaring van [slachtoffer] is niet betrouwbaar en bovendien bevat het dossier geen aanknopingspunten voor enige mate van dwang.
Het oordeel van de rechtbank
De bewijsmiddelen
De bewijsmiddelen zijn in bijlage II aan dit vonnis gehecht.
De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs
Verdachte en [slachtoffer] hadden van mei 2021 tot en met mei 2023 een relatie. [slachtoffer] was aan het begin van de relatie 17 jaar oud en verdachte 32. Tijdens deze relatie hebben zij meerdere trio’s met verschillende mannen gehad. [slachtoffer] heeft verklaard dat hierbij sprake was van dwang. Daarnaast zou verdachte haar met een dildo anaal en vaginaal en met zijn penis anaal hebben verkracht. Verdachte heeft verklaard dat deze seksuele handelingen met toe- en/of instemming van [slachtoffer] hebben plaatsgevonden.
Op grond van artikel 342, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering kan het bewijs dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft gepleegd niet uitsluitend worden gebaseerd op grond van de verklaring van één getuige. In zedenzaken, waarin het vaak gaat om het woord van aangever tegen dat van verdachte, betekent dit dat er sprake moet zijn van steunbewijs afkomstig van een andere bron dan aangever. Niet is vereist dat het misbruik als zodanig bevestiging vindt in ander bewijsmateriaal, maar dat het afdoende is wanneer die verklaring op bepaalde punten bevestiging vindt in andere bewijsmiddelen. Daar staat tegenover dat tussen de verklaring en het overige bewijsmateriaal een niet te ver verwijderd verband mag bestaan. Dit betekent dat de rechtbank moet beoordelen of de belastende verklaring van [slachtoffer] betrouwbaar is en in voldoende mate wordt ondersteund door andere bewijsmiddelen in het dossier.
De rechtbank is van oordeel dat er geen aanleiding is om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer] die zij heeft afgelegd tijdens het informatief gesprek zeden en haar aangifte. [slachtoffer] heeft consistent en gedetailleerd verklaard over de aard van de seksuele handelingen en de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden. Van een ontoelaatbare beïnvloeding van [slachtoffer] door getuige [getuige 1] is de rechtbank niet gebleken. Zij is als vriendin en vertrouwenspersoon van [slachtoffer] nauw betrokken geweest bij de aangifte, maar voor enige mate van sturing van [slachtoffer] bevat het dossier geen aanknopingspunten.
Vervolgens moet de rechtbank beoordelen of het dossier voldoende steunbewijs bevat voor de verklaringen van [slachtoffer] .
Feit 1
[slachtoffer] heeft tijdens het informatief gesprek zeden verklaard dat verdachte haar met zijn penis anaal heeft gepenetreerd terwijl hij wist dat zij dit niet wilde. In haar aangifte zegt zij dat ze ook anaal en vaginaal is verkracht met een dildo. Ter zitting heeft verdachte erkend dat [slachtoffer] niet openstond voor anale seks. Verdachte ontkent een dildo te hebben ingebracht bij [slachtoffer] . Tijdens het politieverhoor erkent verdachte ook tijdens doggy-style seks zijn penis in haar anus te hebben gebracht, maar dat hij meteen is gestopt toen [slachtoffer] hem vroeg te stoppen. Ter zitting heeft verdachte verklaard dat het slechts bij een poging tot anale penetratie is gebleven. Dit acht de rechtbank vanwege zijn eerdere verklaring bij de politie niet geloofwaardig. Gelet op het onverhoedse karakter van de handeling werd [slachtoffer] gedwongen deze handeling te dulden. De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte [slachtoffer] heeft verkracht door zijn penis in haar anus binnen te brengen. Uit het dossier volgt onvoldoende steunbewijs voor de verkrachtingen met de dildo. De rechtbank zal verdachte op dit punt vrijspreken.
Feit 2 tot en met feit 4
Op basis van de verklaringen van [slachtoffer] en verdachte stelt de rechtbank vast dat er sprake is geweest van een trio tussen hen en medeverdachte [medeverdachte 1] . Het staat niet ter discussie dat er seksuele handelingen hebben plaatsgevonden. Echter, verdachte verklaart dat [slachtoffer] heeft ingestemd met het trio en dat er geen sprake was van dwang zoals volgt uit de verklaring van [slachtoffer] . Hoewel de rechtbank geen aanleiding heeft om te twijfelen aan de verklaring van [slachtoffer] , bevat het dossier onvoldoende steunbewijs voor de dwang. Het enkele leeftijdsverschil is daarvoor onvoldoende. De rechtbank zal verdachte daarom van het tweede ten laste gelegde feit vrijspreken.
Datzelfde geldt voor het derde en vierde ten laste gelegde feit. De rechtbank stelt op basis van de verklaringen van [slachtoffer] en van verdachte vast dat er seksuele handelingen hebben plaatsgevonden tussen hen en medeverdachte [medeverdachte 2] en tussen hen en medeverdachte [medeverdachte 3] . [medeverdachte 3] erkent bovendien dat er sprake is geweest van een trio. Het dossier bevat echter in beide gevallen onvoldoende steunbewijs voor de dwang, nu dit enkel uit de verklaring van [slachtoffer] volgt. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van het derde en vierde ten laste gelegde feit.
Feit 5
[slachtoffer] heeft verklaard twee keer seksuele handelingen te hebben verricht met verdachte en getuige [medeverdachte 4] . Verdachte heeft haar gedwongen deze trio’s te ondergaan. Zij heeft vooraf maar ook tijdens de seks gezegd dat zij dit niet wilde. Ook verdachte heeft verklaard dat er twee keer een trio heeft plaatsgevonden tussen hen, waarbij hij zelf ook seksuele handelingen heeft verricht. Verdachte ontkent dat er hierbij sprake was van dwang. [slachtoffer] zou volgens verdachte akkoord zijn gegaan met het trio. Getuige [medeverdachte 4] schetst een ander beeld, een beeld passend bij de verklaring van [slachtoffer] . [medeverdachte 4] zegt dat hij [slachtoffer] heeft horen zeggen dat zij geen trio wilde, maar dat verdachte op haar in bleef praten en haar heeft overgehaald. Volgens [medeverdachte 4] was verdachte dwingend, manipulerend en dominant. Verdachte zei tegen [slachtoffer] : “We praten er niet meer over” en zij begon toen aan de daad. Gelet op de verklaring van [slachtoffer] en de verklaring van [medeverdachte 4] acht de rechtbank het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen, in die zin dat verdachte samen met [medeverdachte 4] [slachtoffer] meermalen heeft verkracht.
Feit 6
Verdachte, [slachtoffer] en getuige [medeverdachte 5] verklaren alle drie aanwezig te zijn geweest bij [getuige 2] . Over de seksuele handelingen verklaren zij verschillend. [slachtoffer] heeft verklaard dat verdachte haar dwong [medeverdachte 5] te zoenen en duwde hun hoofden naar elkaar. Daarna dwong verdachte haar om [medeverdachte 5] te pijpen in de tuin bij [getuige 2] en later in de bestelbus met [medeverdachte 5] seks te hebben. [medeverdachte 5] heeft verklaard dat hij werd gepijpt door [slachtoffer] in het busje van verdachte. Volgens [medeverdachte 5] zou verdachte de broek van [slachtoffer] naar beneden hebben getrokken, terwijl zij [medeverdachte 5] pijpte, en haar kort hebben gepenetreerd. Verder heeft hij verklaard dat verdachte zijn hand steeds richting [slachtoffer] bracht en zijn hoofd naar [slachtoffer] duwde om haar te zoenen. Verdachte erkent enkel aanwezig te zijn geweest bij [getuige 2] , maar ontkent dat hij de hoofden van [slachtoffer] en [medeverdachte 5] naar elkaar duwde, [slachtoffer] op zijn schoot duwde en dat hij [slachtoffer] verplichte om seks te hebben met [medeverdachte 5] . Volgens verdachte hebben er überhaupt geen seksuele handelingen plaatsgevonden tussen hen.
Verdachte is primair ten laste gelegd dat hij [slachtoffer] heeft verkracht door zijn penis in haar mond en vagina te brengen. Gelet op de verklaringen van [slachtoffer] en getuige [medeverdachte 5] kan de rechtbank niet vaststellen dat [slachtoffer] verdachte heeft gepijpt. Dit betrof namelijk [medeverdachte 5] . Daarnaast kan de rechtbank onvoldoende vaststellen dat verdachte haar heeft gepenetreerd, omdat enkel [medeverdachte 5] hierover heeft verklaard. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van het primair tenlastegelegde onder feit 6.
Subsidiair is het doen plegen ten laste gelegd. Hiervoor is vereist dat de feitelijke uitvoerder als werktuig is gebruikt en dat deze zonder opzet, schuld of toerekenbaarheid heeft gehandeld. Straffeloosheid van deze feitelijke uitvoerder is vereist. Gronden hiervoor zijn het ontbreken van opzet, schuld, het gemis van de vereiste kwaliteit en de aanwezigheid van een schulduitsluitingsgrond. De rechtbank is van oordeel dat hier geen sprake van is. Op basis van de verklaringen van [slachtoffer] en [medeverdachte 5] kan onvoldoende worden vastgesteld dat [medeverdachte 5] als werktuig is gebruikt. Hoewel uit de verklaringen van [slachtoffer] aanwijzingen volgen voor psychische overmacht, waardoor er sprake kan zijn van een schulduitsluitingsgrond, wordt dit onvoldoende door [medeverdachte 5] bevestigd. Aan de vereisten van doen plegen wordt derhalve niet voldaan. De rechtbank zal verdachte daarom ook vrijspreken van het subsidiair tenlastegelegde onder feit 6.
De bewezenverklaring
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte
1eenmaal in de periode van 1 juni 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] , door geweld [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een handeling die bestond uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte een penis in de anus van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en bestaande dat geweld uit:- het onverhoeds brengen van zijn penis in de anus van die [slachtoffer] .
5meermalen in de periode van 1 september 2021 tot en met 1 september 2022 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met [medeverdachte 4] , door een andere feitelijkheid en/of bedreiging met een andere feitelijkheid [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het brengen/duwen van vingers in de vagina van die [slachtoffer] en/of het brengen/duwen van een penis in de vagina van die [slachtoffer] en bestaande die andere feitelijkheid en/of bedreiging met een andere feitelijkheid uit:
(eerste keer bij [medeverdachte 4] thuis)- het geestelijke overwicht die de aanwezigheid van beide verdachten op die [slachtoffer] had, en/of;- de woorden toevoegen dat hij, verdachte, er toch bij is, en/of dat dit de laatste keer is, en/of;- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, en/of;
(tweede keer bij [medeverdachte 4] thuis)- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, en/of;- het dreigen die [slachtoffer] uit de auto te zetten.
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.
De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
5 De strafbaarheid
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.
Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.
6 De strafoplegging
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van negen jaar met aftrek van voorarrest.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging verzoekt rekening te houden met de persoonlijke belangen van verdachte. In geval van detentie zou hij alles verliezen wat hij heeft opgebouwd, zoals zijn baan en woning. Daarbij heeft verdachte geen relevant strafblad, hij is een first offender.
Het oordeel van de rechtbank
Verdachte en [slachtoffer] hebben twee jaar een relatie gehad. [slachtoffer] was destijds 17 jaar en verdachte 32 jaar oud, een leeftijdsverschil van 15 jaar. Verdachte heeft haar tijdens hun relatie gedwongen seksuele handelingen te ondergaan en te verrichten. Verdachte heeft haar anaal verkracht en daarnaast heeft hij haar twee keer gedwongen tot een trio met [medeverdachte 4] . Verdachte heeft hierdoor een ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit en waardigheid van [slachtoffer] . Verdachte heeft misbruik gemaakt van het vertrouwen dat [slachtoffer] in hem had en zich enkel laten leiden door zijn eigen seksuele behoeftes. Ook het aanzienlijke leeftijdsverschil en de jonge leeftijd van [slachtoffer] heeft verdachte op geen enkele wijze weerhouden. Ter zitting heeft verdachte weinig inzicht in zichzelf of in de ernst van de gevolgen daarvan voor [slachtoffer] getoond.
Bij het bepalen van de strafmaat houdt de rechtbank rekening met het strafblad van verdachte, waaruit blijkt dat hij niet eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld. Daarnaast betrekt de rechtbank bij de bepaling van de straf de LOVS-oriëntatiepunten. Hieruit volgt dat voor een eenmalige verkrachting met een beperkte mate van dwang een gevangenisstraf van 24 maanden als vertrekpunt geldt.
Gelet op de aard en ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, de gevolgen voor [slachtoffer] en de straffen die in soortgelijke gevallen plegen te worden opgelegd, kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een gevangenisstraf. Hoewel de rechtbank begrijpt dat een gevangenisstraf gevolgen zal hebben voor verdachte, onder andere voor zijn werk, kan vanwege deze aard en de ernst niet worden volstaan met een andersoortige of geringere straf. De rechtbank zal dan ook aan verdachte opleggen een gevangenisstraf voor de duur van vier jaar, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, waarvan één jaar voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De rechtbank acht het van belang om een deel van de gevangenisstraf voorwaardelijk op te leggen, als stok achter de deur zodat verdachte zich niet wederom zal schuldig maken aan een soortgelijk delict.
7 De vordering van de benadeelde partij
De benadeelde partij [slachtoffer] vordert een immateriële schadevergoeding van € 12.500,- voor de ten laste gelegde feiten.
De rechtbank heeft hiervoor overwogen dat bewezen kan worden verklaard dat verdachte feit 1 en feit 5 heeft gepleegd. Dit betekent ook dat verdachte onrechtmatig heeft gehandeld tegenover de benadeelde partij en dat hij verplicht is de schade van de benadeelde partij te vergoeden. Als schade die het gevolg is van een onrechtmatige daad, een nadeel betreft dat niet uit vermogensschade bestaat, heeft de benadeelde op grond van artikel 6:106 lid 1, aanhef en onder b BW recht op een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding indien de benadeelde partij lichamelijk letsel heeft opgelopen, in zijn eer of goede naam is geschaad of op andere wijze in zijn persoon is aangetast.
Naar het oordeel van de rechtbank brengt de aard en de ernst van de normschending door verdachte mee dat de relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat sprake is van een aantasting in de persoon op andere wijze als bedoeld in artikel 6:106 BW. Uit de toelichting bij de vordering van de benadeelde partij en de schriftelijke slachtofferverklaring blijkt dat de benadeelde partij nog steeds leeft met de gevolgen van de verkrachtingen. Om haar traumatische ervaringen te kunnen verwerken heeft zij cognitieve gedragstherapie en EMDR gevolgd. Hoewel haar behandeling is afgerond, heeft zij nog steeds paniekaanvallen in grote groepen, is haar vertrouwen in anderen verloren en voelt zij zich vaak onveilig.
Bij de vaststelling van de hoogte van de immateriële schade zoekt de rechtbank aansluiting bij de ‘Rotterdamse schaal’. De rechtbank neemt de indicatieve smartengeldbedragen die worden genoemd bij de voor deze zaak toepasselijke categorie als uitgangspunt. De rechtbank zoekt aansluiting bij categorie 15.1 verkrachting, onderdeel (b) ernstig. Deze schade staat ook in een voldoende verband met het bewezen verklaarde handelen van verdachte, zodat ook sprake is van schade die een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde feit.
De rechtbank acht het gevorderde bedrag billijk en wijst de vordering integraal toe met vermeerdering van de wettelijke rente. De wettelijke rente zal zoals gevorderd en niet door de verdediging betwist vanaf 19 juli 2025 worden toegekend.
De rechtbank zal tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen tot betaling van het toegekende schadebedrag. Dit betekent dat het CJIB de inning zal verzorgen en dat bij niet betaling gijzeling kan worden toegepast als dwangmiddel.
8 De wettelijke voorschriften
De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 57, 242 en 248 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.
9 Beslissing
De rechtbank:
Vrijspraak
- spreekt verdachte vrij van de onder 2, 3, 4 en 6 ten laste gelegde feiten;
Bewezenverklaring
- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
Strafbaarheid
- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
feit 1: verkrachting
feit 5: verkrachting, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermaals gepleegd
- verklaart verdachte strafbaar;
Strafoplegging
- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 4 (vier) jaar, waarvan 1 (één) jaar voorwaardelijk met een proeftijd van 2 (twee) jaar;
- bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd de hierna vermelde voorwaarden niet heeft nageleefd;
- stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;
Benadeelde partij
T.a.v. feit 1 en feit 5
- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] van € 12.500,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 19 juli 2025 tot aan de dag der voldoening;
- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot nu toe begroot op nihil;
- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer] , € 12.500,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 19 juli 2025 tot aan de dag der voldoening;
- bepaalt dat bij niet betaling 87 dagen gijzeling kan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd.
Dit vonnis is gewezen door mr. H. Skalonjic, voorzitter, en mr. J. Bergen en mr. B. Akdikan, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.A. Lequin, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 21 augustus 2026.
De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I: De tenlastelegging
1hij meermalen, althans eenmaal, in of omstreeks de periode van 1 juni 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueelbinnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte een dildo in de vagina en/of anus en/of een penis in de anus van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en bestaande dat geweld of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met gewelden/of een andere feitelijkheid uit:- het fysiek en geestelijk overwicht van verdachte op die [slachtoffer] , en/of- het niet communiceren met die [slachtoffer] over of zij seks met een didlo en/of anale seks wilde, en/of- het onverhoeds duwen/brengen van een dildo in de vagina en/of anus van die [slachtoffer] , en/of- het onderhoeds brengen van zijn penis in de anus van die [slachtoffer] ;
2hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2021 tot en met 30 juni 2021 te [plaats 2] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] , althans alleen, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een anderefeitelijkheid, [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte en/of zijn medeverdachte:- vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht, en/of- een penis in de mond van die [slachtoffer] geduwd/gebracht, en/of- een penis in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht
en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:- het fysieke en/of geestelijke overwicht die de aanwezigheid van beide verdachten op die [slachtoffer] hadden, en/of- terwijl die [slachtoffer] in een vreemde woning was, en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of medeverdachte, en/of- het onverhoeds vingeren door verdachte en/of medeverdachte, en/of- het onverhoeds duwen/brengen van de penis van medeverdachte in de vagina van die [slachtoffer] , en/of- het duwen door verdachte van het hoofd van die [slachtoffer] richting zijn, verdachtes, penis;
3hij op of omstreeks 8/9 september 2021 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 2] , althans alleen, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueelbinnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte en/of zijn medeverdachte een penis in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:- het door medeverdachte binnenlopen van de slaapkamer, terwijl die [slachtoffer] naakt in een bed lag en vrijwillige seks had met verdachte, en/of- het fysieke en/of geestelijke overwicht die de aanwezigheid van beide verdachten op die [slachtoffer] hadden, en/of- terwijl die [slachtoffer] in een vreemde woning was, en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of medeverdachte, en/of- het niet, althans onvoldoende, communiceren met die [slachtoffer] over hoe zij op dat moment stond in het hebben van seks met een derde/ander persoon, en/of- het die [slachtoffer] toevoegen van de woorden "Doe het een keer voor mij. Ontspan je maar", en/of- het niet stoppen nadat die [slachtoffer] had aangegeven het niet te willen, en/of- het onverhoeds duwen/brengen van de penis van medeverdachte in de vagina van die [slachtoffer] ;
4hij meermalen, althans eenmaal, in of omstreeks de periode van 1 september 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland,(telkens) tezamen en in vereniging met [medeverdachte 3] , althans alleen, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , hebbende verdachte en/of zijn medeverdachte
(in het huis van de ouder(s) van [medeverdachte 3] )(een) penis(sen) in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:- het fysieke en/of geestelijke overwicht die de aanwezigheid van beide verdachten op die [slachtoffer] hadden, en/of- terwijl die [slachtoffer] in een vreemde woning was, en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of medeverdachte, en/of- het die [slachtoffer] voorhouden dat dit echt de laatste keer was, en/of- het niet, althans onvoldoende, communiceren met die [slachtoffer] over hoe zij op dat moment stond in het hebben van seks met een derde/ander persoon, en/of- het vastpakken door medeverdachte van die [slachtoffer] en/of de woorden toe te voegen "schiet op", en/of- ondanks de tranen in de ogen van die [slachtoffer] , en/of- ondanks het uitschreeuwen van de pijn door die [slachtoffer] , en/of- het aangeven van die [slachtoffer] dat verdachte en/of medeverdachte moeten stoppen,
en/of
(in het huis van de ouder(s) van [verdachte] )vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:- het fysieke overwicht die de aanwezigheid van beide verdachten op die [slachtoffer] hadden, en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of medeverdachte, en/of- het niet, althans onvoldoende, communiceren met die [slachtoffer] over hoe zij op dat moment stond in het hebben van seks met een derde/ander persoon, en/of- terwijl die [slachtoffer] lag te slapen en/of vervolgens geconfronteerd werd met een vreemde man in de slaapkamer in het donker, en/of- terwijl die [slachtoffer] naakt in haar bed lag, en/of- het vervolgens onderhoeds duwen/brengen van de vingers in de vagina van die [slachtoffer] , en/of- het vastpakken en/of vasthouden van die [slachtoffer] , en/of- het vervolgens onverhoeds langs achter duwen/brengen van de penis van medeverdachte in de vagina van die [slachtoffer] ;
5hij meermalen, althans eenmaal, in of omstreeks de periode van 1 september 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 4] , althans alleen, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] ,te weten het brengen/duwen van vingers in de vagina van die [slachtoffer] en/of het brengen/duwen van een penis in de vagina van die [slachtoffer] en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:
(eerste keer bij [medeverdachte 4] thuis)- het fysieke en/of geestelijke overwicht die de aanwezigheid van beide verdachten op die [slachtoffer] hadden, en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of medeverdachte, en/of- het niet, althans onvoldoende, communiceren met die [slachtoffer] over hoe zij op dat moment stond in het hebben van seks met een derde/ander persoon, en/of- terwijl die [slachtoffer] in een vreemde woning was, en/of- de woorden toevoegen dat hij, verdachte, er toch bij is, en/of dat dit de laatste keer is, en/of- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, en/of
(tweede keer bij [medeverdachte 4] thuis)- het fysieke overwicht die de aanwezigheid van beide verdachten op die [slachtoffer] hadden, en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of medeverdachte, en/of- het niet, althans onvoldoende, communiceren met die [slachtoffer] over hoe zij op dat moment stond in het hebben van seks met een derde/ander persoon, en/of- terwijl die [slachtoffer] in een vreemde woning was, en/of- de woorden toevoegen dat hij, verdachte, er toch bij is, en/of dat dit de laatste keer is, en/of- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, en/of- het dreigen die [slachtoffer] uit de auto te zetten;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij meermalen, althans eenmaal, in of omstreeks de periode van 1 september 2021 tot en met 31 mei 2023 te [plaats 1] door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid[slachtoffer] heeft doen dwingen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] door [medeverdachte 4] , te weten het door die [medeverdachte 4] brengen/duwen van zijn penis in de vagina van die [slachtoffer] en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:
(eerste keer bij [medeverdachte 4] thuis)- het fysieke en/of geestelijke overwicht dat verdachte samen met die [medeverdachte 4] had op die [slachtoffer] , en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of die [medeverdachte 4] , en/of- het niet, althans onvoldoende, communiceren met die [slachtoffer] over hoe zij op dat moment stond in het hebben van seks met die [medeverdachte 4] , en/of- terwijl die [slachtoffer] in een vreemde woning was, en/of- de woorden toevoegen dat hij, verdachte, er toch bij is, en/of dat dit de laatste keer is, en/of- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, haar seks laten hebben met die [medeverdachte 4] , en/of
(tweede keer bij [medeverdachte 4] thuis)- het fysieke overwicht dat verdachte samen met die [medeverdachte 4] had op die [slachtoffer] , en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen die [slachtoffer] en verdachte en/of die [medeverdachte 4] , en/of- het niet, althans onvoldoende, communiceren met die [slachtoffer] over hoe zij op dat moment stond in het hebben van seks met die [medeverdachte 4] , en/of- terwijl die [slachtoffer] in een vreemde woning was, en/of- de woorden toevoegen dat hij, verdachte, er toch bij is, en/of dat dit de laatste keer is, en/of- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, haar seks laten hebben met die [medeverdachte 4] , en/of- het dreigen die [slachtoffer] uit de auto te zetten;
6hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2021 tot en met 31 juli 2021 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland,door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het duwen/brengen van een penis in de mond en/of vagina van die [slachtoffer] en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:- het fysieke en/of geestelijke overwicht van verdachte op die [slachtoffer] , en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen verdachte en die [slachtoffer] , en/of- het naar elkaar duwen van de hoofden van die [slachtoffer] en/of [medeverdachte 5] , en/of- de woorden toe te voegen dat die [slachtoffer] eerst seks moest hebben en ze dan pas naar huis gingen, en/of- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, en/of- die [slachtoffer] de woorden toe te voegen dat het de laatste keer is;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2021 tot en met 31 juli 2021 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland,door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer] heeft doen dwingen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten het door [medeverdachte 5] laten duwen/brengen van diens penis in de mond en/of vagina van die [slachtoffer] en bestaande dat geweld en/of die andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld en/of een andere feitelijkheid uit:- het fysieke en/of geestelijke overwicht van verdachte op die [slachtoffer] , en/of- het aanzienlijke leeftijdsverschil tussen verdachte en die [slachtoffer] , en/of- het naar elkaar duwen van de hoofden van die [slachtoffer] en [medeverdachte 5] , en/of- de woorden toevoegen dat die [slachtoffer] eerst seks moest hebben en ze dan pas naar huis gingen, en/of- ondanks dat die [slachtoffer] heeft aangeven echt niet te willen, en/of- die [slachtoffer] de woorden toe te voegen dat het de laatste keer is;