ECLI:NL:RBZWB:2014:1960
Inhoudsindicatie
Faillissementsgeschil over de vraag of opruimingskosten boedelkosten zijn. Rechtbank maakt onderscheid overeenkomstig arrest Koot Beheer/Tideman q.q. Rechtbank gaat ook in op verhouding beslissen van ABRvS en de civiele rechter met betrekking tot opruimverplichtingen. Rechtbank…
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 3:35 BW Burgerlijk Wetboek Boek 3
- Art. 3:302 BW Burgerlijk Wetboek Boek 3
- Art. 3:303 BW Burgerlijk Wetboek Boek 3
- Art. 37 Fw Faillissementswet
- Art. 37a Fw Faillissementswet
- Art. 68 Fw Faillissementswet
- Art. 69 Fw Faillissementswet
- Art. 392 Rv Burgelijke Rechtsvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:RBNNE:2021:2575 — 23-06-2021 Rb. Noord-Nederland Civiel recht
Eiseres heeft diverse vorderingen ingesteld tegen de curator q.q. en pro se. Maatstaf aansprakelijkstelling curator q.q. en pro se. Erfpacht canon is geen boedelschuld in de zin van de Faillissementswet. Eiseres heeft als eigenaar ingevolge artikel 5:100 lid 3 BW en artikel… - ECLI:NL:RBNNE:2014:3656 — 29-04-2014 Rb. Noord-Nederland Civiel recht
Huur van roerende zaken + faillissement huurder - ECLI:NL:RBLIM:2023:4361 — 19-07-2023 Rb. Limburg Civiel recht
Vorderingen ter zake staatssteun en 'Didam' blijven onbehandeld; een belangrijk deel van de vorderingen is verjaard; voor het overige is een van eisers niet-ontvankelijk vanwege een verandering van hoedanigheid tijdens de procedure (Trafigura) en de andere drie vanwege het… - ECLI:NL:RBDHA:2022:13394 — 14-12-2022 Rb. Den Haag Civiel recht
Strafrechtelijk handhaven van verbod op hulp bij zelfdoding is niet onrechtmatig. Geen strijd met artikel 8 EVRM. - ECLI:NL:RBROT:2022:10486 — 30-11-2022 Rb. Rotterdam Civiel recht
Voldoende concreet belang bij verklaring voor recht dat de overeenkomst niet is geëindigd. Verklaring voor recht wordt afgewezen. De rechtbank oordeelt dat overeenstemming is bereikt over de essentialia van de beëindigingsovereenkomst.