ECLI:NL:RBROT:2026:9054

Datum uitspraak
24-04-2026
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Zaaknummer
11863951 CV EXPL 25-18890
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Huurkoopovereenkomst bedrijfsauto. Gedaagde heeft leasetermijnen niet tijdig betaald. Verklaring voor recht buitengerechtelijke ontbinding toegewezen.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 11863951 CV EXPL 25-18890

datum uitspraak: 24 april 2026

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van

Hiltermann Lease B.V.,

vestigingsplaats: Hoofddorp,

eiseres,

gemachtigde: [persoon A] ,

tegen

[gedaagde] , die handelde onder de naam [handelsnaam],

woonplaats: [woonplaats] ,

gedaagde,

die zelf procedeert.

De partijen worden hierna ‘Hiltermann’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

  • de dagvaarding van 26 augustus 2025, met bijlagen;

  • de aantekeningen van het mondelinge antwoord;

  • de akte van Hiltermann, met bijlagen.

1.2.

Op 31 maart 2026 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig: de heer [persoon B] en de gemachtigde namens Hiltermann. [gedaagde] is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

2 De beoordeling

Wat is de kern?

2.1.

Hiltermann heeft op grond van een huurkoopovereenkomst een bedrijfsauto (Volkswagen Golf met het kenteken [kentekennummer] ) aan [gedaagde] ter beschikking gesteld. Volgens Hiltermann heeft [gedaagde] de leasetermijnen niet tijdig aan haar betaald. Hiltermann heeft [gedaagde] daarop laten weten de overeenkomst per 24 juli 2024 te ontbinden. Nadat de auto van [gedaagde] was uitgebrand, is deze overgebracht naar een bergingsbedrijf en later verkocht voor € 100,-. Met deze opbrengst heeft Hiltermann bij de berekening van de hoofdsom rekening gehouden, evenals met de stallingskosten van € 239,83 na het ophalen van de auto.

2.2.

Hiltermann eist in deze procedure dat de kantonrechter voor recht verklaart dat de huurkoopovereenkomst tussen partijen is ontbonden. Verder eist Hiltermann dat [gedaagde] wordt veroordeeld om de achterstand en de toekomstige leasebedragen in één keer te betalen, met rente en kosten.

2.3.

[gedaagde] erkent dat er een betalingsachterstand is ontstaan. Hij legt echter uit dat de auto in brand is gestoken en vervolgens is weggesleept. Daarnaast stelt hij dat de auto zonder zijn medeweten is geveild voor € 100,-. Volgens [gedaagde] zou zijn verzekeraar de schade hebben uitgekeerd als Hiltermann de auto niet had geveild.

2.4.

De kantonrechter wijst de eis van Hiltermann toe. Hierna wordt uitgelegd waarom.

De overeenkomst is ontbonden

2.5.

De gevorderde verklaring voor recht dat de huurkoopovereenkomst tussen partijen is ontbonden, wordt toegewezen. [gedaagde] erkent dat hij de leasetermijnen niet op tijd heeft betaald en op grond van artikel 43 van de algemene voorwaarden had Hiltermann daarom het recht om op 24 juli 2024 de overeenkomst te ontbinden. [gedaagde] heeft in zijn verweer nog gesteld dat hij voorafgaand aan de mondelinge behandeling stukken zou indienen ter onderbouwing van zijn stelling dat de auto zonder zijn medeweten is weggesleept en verkocht, en dat zijn verzekering om die reden niet tot uitkering is overgegaan, maar deze stukken heeft hij niet meer overgelegd. Hiltermann heeft daarover bovendien uitgelegd de uitgebrande auto onder spoedbestuursdwang en op last van de gemeente Rotterdam is weggesleept omdat [gedaagde] - ondanks dat hij daartoe in de gelegenheid is gesteld - in gebreke is gebleven met het ophalen van de auto. Dat heeft [gedaagde] niet meer betwist.

[gedaagde] moet € 29.746,93 aan hoofdsom betalen

2.6.

[gedaagde] heeft de hoogte en de verschuldigdheid van de geëiste hoofdsom niet betwist. Deze vordering wordt daarom toegewezen. [gedaagde] moet € 29.746,93 aan hoofdsom betalen.

[gedaagde] moet incassokosten van € 2.974,69 betalen

2.7.

Hiltermann eist op grond van artikel 53 van de algemene voorwaarden een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten van 10% van de hoofdsom en daarmee een bedrag van € 2.974,69. Dit bedrag wordt toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over de incassokosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

[gedaagde] moet rente betalen

2.8.

De contractuele rente van 1,5% per maand wordt toegewezen, omdat Hiltermann genoeg heeft gesteld waaruit volgt dat deze moet worden betaald en [gedaagde] dat niet heeft betwist. Berekend tot en met 15 augustus 2025 bedraagt de rente € 5.700,01.

[gedaagde] moet de proceskosten betalen

2.9.

De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat hij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan Hiltermann moet betalen op € 123,73 aan dagvaardingskosten, € 1.461,- aan griffierecht, € 1.154,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 577,-) en € 144,- aan nakosten. Dat is in totaal € 2.882,73. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend. De wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen.

Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad

2.10.

Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Hiltermann dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

verklaart voor recht dat de overeenkomst tussen de partijen over de Volkswagen Golf met het kenteken [kentekennummer] is ontbonden;

3.2.

veroordeelt [gedaagde] om aan Hiltermann te betalen € 35.446,94 met de contractuele rente van 1,5% per maand over € 29.746,93 vanaf 16 augustus 2025 tot de dag dat volledig is betaald;

3.3.

veroordeelt [gedaagde] om aan Hiltermann te betalen de buitengerechtelijke incassokosten van € 2.974,69 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW als dit bedrag nadat dit vonnis is betekend niet wordt betaald binnen de termijn die de deurwaarder noemt;

3.4.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van Hiltermann tot vandaag worden vastgesteld op € 2.882,73 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW als dit bedrag nadat dit vonnis is betekend niet wordt betaald binnen de termijn die de deurwaarder noemt;

3.5.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. M.C. van der Kolk en in het openbaar uitgesproken.

67789

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »