ECLI:NL:RBROT:2023:13111

Datum uitspraak
30-05-2023
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Zaaknummer
C/10/655492 / FA RK 23-2482
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Benoeming BC bij afstammingsverzoek Zie ook: ECLI:NL:RBROT:2025:15773 en ECLI:NL:RBROT:2026:4791

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team familie

Zaaknummer / rekestnummer: C/10/655492 / FA RK 23-2482

Beschikking van 30 mei 2023 over benoeming bijzondere curator op grond van artikel 1:212 BW

in de zaak over de minderjarige:

[minderjairge] , geboren op [geboortedatum] 2015 te [geboorteplaats].

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het op 31 maart 2023 ingekomen verzoekschrift (met bijlagen) van:

[naam 1] ,

wonende te [woonplaats],

advocaat mr. M.F.A. van Pelt te Rotterdam.

2 De beoordeling

2.1.

Het verzoek betreft (onder meer) de afstamming van de minderjarige, zodat een bijzondere curator moet worden benoemd die de minderjarige zal vertegenwoordigen in deze afstammingsprocedure, die binnen vier weken na de datum van deze beschikking in vijfvoud schriftelijk verslag doet van zijn bevindingen en daarbij een standpunt over het verzoek inneemt.

2.2.

Als één of meerdere partijen een buitenlandse nationaliteit bezit(ten), of naast de Nederlandse nationaliteit nog een buitenlandse nationaliteit bezit, wordt de bijzondere curator verzocht op grond van titel 5 van Boek 10 BW de rechtbank te informeren over de internationale privaatrechtelijke aspecten inzake afstamming, en als niet het Nederlands recht van toepassing is de betreffende buitenlandse wetsartikelen toe te lichten.

2.3.

De rechtbank zal de behandeling van de zaak aanhouden tot na te noemen datum, in afwachting van het hiervoor genoemde verslag van de bijzondere curator.

3 De beslissing

De rechtbank:

3.1.

benoemt tot bijzondere curator over gemelde minderjarige:

[naam 2], kantoorhoudende te [adres], correspondentieadres: [postadres],

om de minderjarige te vertegenwoordigen;

3.2.

bepaalt dat de bijzondere curator binnen vier weken na de datum van deze beschikking in vijfvoud schriftelijk verslag doet van zijn bevindingen en daarbij een standpunt over het verzoek inneemt;

en voor verder te beslissen:

3.3.

bepaalt dat de behandeling van de zaak wordt aangehouden tot 1 juli 2023 PRO FORMA, in afwachting van het schriftelijke verslag van de bijzondere curator.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.J. van den Bergh, rechter tevens kinderrechter

en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier J. Don-van Loopik

op 30 mei 2023.

Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Den Haag. Het hoger beroep kan slechts worden ingesteld door een advocaat.

Door verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden moet het hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden na de dag van de beschikking. Voor andere belanghebbenden geldt voor het instellen van hoger beroep een termijn van drie maanden na de betekening van de beschikking of nadat de beschikking hun op andere manier bekend is geworden.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »