ECLI:NL:RBOBR:2014:6728
Inhoudsindicatie
Verzoek vaststelling beslagvrije voet op grond van 475e Rv door niet in Nederland wonende schuldenaar. Artikel 475e Rv wegens verkapte discriminatie in strijd met EU-recht? Executoriaal derdenbeslag onder SVB te Rotterdam. Relatieve bevoegdheid.
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 96 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 438a Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 475c Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 475e Rv Burgelijke Rechtsvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:GHSHE:2012:BV8989 — 14-03-2012 Hof 's-Hertogenbosch Civiel recht
Beslagvrije voet. Procesrecht. Relatieve en sectorale competentie. Beslissing op de voet van art. 96 Rv? Doorbraak twee-conclusie-regel. onder inkomsten dient mede te worden verstaan inkomsten die redelijkerwijze kunnen worden genoten. - ECLI:NL:RBGEL:2021:1242 — 17-03-2021 Rb. Gelderland Bestuursrecht
Verweerder mag op grond van artikel 475dc van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (BRv) 5% inhouden op de (netto)bijstand, ook als sprake is van de kostendelersnorm. Geen aanleiding voor toepassing hardheidsclausule. Formulier als bedoeld in artikel 475i Rv strikt… - ECLI:NL:RBROT:2020:3137 — 31-03-2020 Rb. Rotterdam Civiel recht
Verzoek ex art. 475e Rv tot vaststelling beslagvrije voet van in Portugal wonende persoon. Kantonrechter oordeelt dat verz, die in tehuis woont, over onvoldoende middelen van bestaan beschikt om in zijn levensonderhoud te voorzien. Verzoek afgewezen. - ECLI:NL:GHSHE:2020:340 — 04-02-2020 Hof 's-Hertogenbosch Civiel recht
Kort geding. 475e Rv woonplaats in Nederland voldoende aannemelijk gemaakt. Halvering beslagvrije voet wegens onvoldoende informatieverstrekking rond (verzwegen) inkomsten. - ECLI:NL:RBGEL:2015:6881 — 06-10-2015 Rb. Gelderland Civiel recht
Vaststellen relatieve bevoegdheid aan de hand van art. 438a lid 1 Rv. Uit wetsgeschiedenis blijkt niet waarom de kantonrechter niet (meer) in voornoemd artikel is opgenomen