ECLI:NL:RBNHO:2023:3698

Datum uitspraak
05-04-2023
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Zaaknummer
10259188 \ CV EXPL 22-7523
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Vordering tussen een handelaar en een consument. Ambtshalve toetsing van de (pre)contractuele informatieplichten. Niet is voldaan aan artikel 6:230v lid 6 BW. De overeenkomst is op grond van artikel 3:39 BW nietig.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 10259188 \ CV EXPL 22-7523

Uitspraakdatum: 5 april 2023 (bij vervroeging)

Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten vennootschap

Innova Energie B.V.

gevestigd te Delft

de eisende partij

gemachtigde: B.E.J. Caminada

tegen

[gedaagde]

wonende te [plaats]

de gedaagde partij

niet verschenen

1 Het verdere procesverloop

1.1.

Bij tussenvonnis van 25 januari 2023 (hierna: het tussenvonnis) heeft de kantonrechter de eisende partij in de gelegenheid gesteld een nadere, met stukken onderbouwde toelichting te geven over de wijze waarop zij meent te hebben voldaan aan artikel 6:230v lid 6 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Bij akte van 22 maart 2023 heeft de eisende partij zich hierover uitgelaten.

2 De verdere beoordeling

2.1.

De kantonrechter blijft bij wat in het tussenvonnis is overwogen en beslist. Er bestaat geen aanleiding daarop terug te komen.

2.2.

In de akte heeft de eisende partij gesteld dat de consument, na telefonisch akkoord te zijn gegaan, digitaal een knop met “aanbod aanvaarden” te zien krijgt. Door die knop in te drukken aanvaardt de consument het aanbod digitaal. Van die knop kan de eisende partij geen printscreens overleggen, maar volgens haar blijkt uit pagina drie van de overeenkomst dat de gedaagde partij het aanbod heeft aanvaard vanaf het IP-adres 85.146.177.105.

2.3.

De kantonrechter is van oordeel dat op grond van de stellingen van de eisende partij en de overgelegde producties (nog steeds) niet kan worden vastgesteld dat is voldaan aan artikel 6:230v lid 6 BW. De enkele stelling dat het aanbod is aanvaard vanaf een bepaald IP-adres is daartoe onvoldoende. Het lag op de weg van de eisende partij om aan te tonen dat, zoals zij heeft gesteld, de overeenkomst tot stand is gekomen door middel van het door de consument aanklikken van de aanvaardingsbutton.

2.4.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de overeenkomst op grond van artikel 3:39 BW nietig is, zodat de vordering moet worden afgewezen. De kantonrechter komt daarom niet toe aan de beantwoording van de vraag of de eisende partij heeft voldaan aan de (pre)contractuele informatieplichten van de artikelen 6:230m en 6:230v lid 7 BW.

2.5.

De subsidiaire en meer subsidiaire vorderingen (die beide zijn gebaseerd op onverschuldigde betaling) zullen eveneens worden afgewezen. Nietigheid van de overeenkomst brengt namelijk mee dat de eisende partij ongevraagd energie heeft geleverd. In dat geval bestaat op grond van artikel 7:7 lid 2 BW geen betalingsverplichting voor een consument.

2.6.

De proceskosten komen voor rekening van de eisende partij, omdat zij ongelijk krijgt. Deze worden aan de kant van de gedaagde partij tot en met vandaag vastgesteld op nihil.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

wijst de vordering af;

3.2.

veroordeelt de eisende partij tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de gedaagde partij worden vastgesteld op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.M. Kruithof en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »