RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
Locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 10197947 CV EXPL 22-6682
Uitspraakdatum: 14 december 2022
Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
de besloten vennootschap
Logicx Mobiliteit B.V.
gevestigd te Apeldoorn
de eisende partij
gemachtigden: A. Niekus en mr. E. Krom (De Klerk Vis Niekus Gerechtsdeurwaarders en Incasso)
tegen
[gedaagde]
wonende te [plaats]
de gedaagde partij
niet verschenen
1 Het procesverloop
De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.
2 De beoordeling
De eisende partij heeft gesteld dat tussen partijen een huurovereenkomst (hierna: de overeenkomst) met betrekking tot een (vervangende) huurauto tot stand is gekomen. De overeenkomst is gesloten in een verkoopruimte, te weten in één van de vestigingen van de eisende partij. Aldus is de vordering gebaseerd op een overeenkomst, anders dan een overeenkomst op afstand of buiten de verkoopruimte gesloten en is er sprake van een situatie als bedoeld in artikel 6:230l van het Burgerlijk Wetboek (BW). Bij het sluiten van een dergelijke overeenkomst moet ter bescherming van de consument onder meer aan de wettelijke precontractuele informatieplichten worden voldaan, zoals in dat artikel is opgesomd.
Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de eisende partij voldoende duidelijk toegelicht dat zij bij het sluiten van de overeenkomst aan de informatieplichten van artikel 6:230l BW heeft voldaan.
De vordering komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en wordt daarom toegewezen.
De gevorderde buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente worden eveneens toegewezen, omdat deze vorderingen de kantonrechter ook niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen.
De gedaagde partij wordt in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld.
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 244,20 te vermeerderen met de wettelijke rente over € 204,20 vanaf de vervaldag van de ingebrekestelling tot aan de dag van de gehele betaling;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:
€ 107,22 wegens dagvaardingskosten,
€ 128,00 wegens griffierecht en
€ 37,00 wegens salaris gemachtigde;
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.M. Kruithof en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter