Rechtbank Den HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 26-9200
Zaaknummer: C/09/712259
Datum beschikking: 11 september 2026
Internationale kinderontvoering/benoeming bijzondere curator
Beschikking in het kader van het op 8 september 2026 ingekomen verzoek van:
[de vader],
de vader,
wonende op een voor de rechtbank onbekend adres in [land],
advocaat: mr. J.A.M. Schoenmakers te Breda.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de moeder],
de moeder,
wonende op een voor de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. A. Weterings te Oegstgeest.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder het verzoekschrift van 8 september 2026, met bijlagen, van de vader.
Feiten
De man en de vrouw zijn met elkaar gehuwd geweest tot [datum] 2025.
Zij zijn de ouders van de volgende nu nog minderjarige kinderen:
[minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats];
[minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2016 te [geboorteplaats];
[minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 3] 2017 te [geboorteplaats];
[minderjarige 4], geboren op [geboortedatum 4] 2020 te [geboorteplaats].
De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.
Op 30 juli 2026 is de vader met de kinderen vanuit Oman naar Nederland gereisd en op 27 augustus 2026 heeft de vader niet met de kinderen vanuit Nederland terug kunnen reizen naar Oman.
De vrouw en de kinderen hebben blijkens de Basisregistratie Personen (BRP) de Nederlandse nationaliteit. De nationaliteit van de man is onbekend.
De vader heeft zich niet gemeld bij de Nederlandse Centrale Autoriteit.
Verzoek en verweer
De vader heeft verzocht – voor zover mogelijk met uitvoerbaar verklaring bij voorraad:
de onmiddellijke terugkeer te gelasten van de kinderen [minderjarige 4], [minderjarige 3], [minderjarige 2] en [minderjarige 1] naar het woonadres te Oman ([adres 1]) met onmiddellijke ingang of uiterlijk op 15 oktober 2026 doch uiterlijk op een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum en wijze, waarbij de moeder de kinderen dient terug te brengen naar Oman;
en subsidiair te bevelen, voor het geval de moeder nalaat de kinderen binnen de door de rechtbank te stellen termijn terug te laten keren naar Oman dat de moeder het paspoort en de benodigde geldige reisdocumenten aan de vader zal afgeven, onmiddellijk, doch uiterlijk op 15 oktober 2026 althans op een door de rechtbank te bepalen datum en wijze, opdat de vader de kinderen zelf mee terug kan nemen naar Oman;
de moeder te veroordelen tot betaling van een nog te specificeren bedrag aan de vader ter zake van de gemaakte daadwerkelijke proceskosten die de vader in verband met het verzoek tot teruggeleiding heeft gemaakt en nog dient te maken.
De moeder heeft nog geen verweer gevoerd.
Beoordeling
Ingevolge artikel 1:250 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de rechtbank een bijzondere curator benoemen. De rechtbank vindt het, gelet op de aard van de zaak en van de daarin spelende belangenstrijd, in het belang van de kinderen noodzakelijk een bijzondere curator te benoemen.
Daarbij merkt de rechtbank op dat de bijzondere curator wordt benoemd over vier kinderen die ieder mogelijk een andere positie hebben ten opzichte van hun ouders en mogelijk ook andere belangen hebben. Daarom spelen ten aanzien van ieder kind mogelijk verschillende rechtsbelangen, waarmee de bijzondere curator rekening dient te houden. Het is daarom belangrijk dat de bijzondere curator waar nodig de afzonderlijke belangen van de minderjarigen in kaart brengt.
De rechtbank verzoekt de bijzondere curator de volgende vragen te beantwoorden:
-
Wat geven de minderjarigen zelf aan over een eventueel verblijf in Oman en een eventueel verblijf in Nederland?
-
In hoeverre lijken de minderjarigen zich vrij te kunnen uiten?
-
In hoeverre lijken de minderjarigen de gevolgen van het verblijf in Oman of het verblijf in Nederland te overzien?
-
Willen de minderjarigen met de rechter(s) spreken en zo ja, wensen de minderjarigen dat de bijzondere curator daarbij aanwezig zal zijn?
De rechtbank verzoekt de bijzondere curator hierbij met de minderjarigen te bespreken dat het gesprek mogelijk met drie rechters gevoerd gaat worden (waarbij er mogelijk twee rechters via een beeldscherm deelnemen).
5. Ziet de bijzondere curator aanleiding om het kindgesprek online te houden?
6. Is het nodig dat er een tolk aanwezig is bij het kindgesprek en zo ja, in welke taal (en indien van toepassing welk dialect)?
7. Zijn er nog bijzonderheden naar voren gekomen die van belang zijn voor de te nemen beslissingen?
Van de bijzondere curator wordt verwacht dat deze door gesprekken te voeren met de minderjarigen probeert zicht te krijgen op de mening van de minderjarigen ten aanzien van het verblijf in Oman en het verblijf in Nederland en vervolgens die mening van de minderjarigen naar voren te brengen in deze procedure. Het gaat alleen om gesprekken met de minderjarigen. Wel kan de bijzondere curator haar (eerste) bevindingen delen met de ouders en de mediators in het kader van de crossborder mediation.
Van de ouders wordt verwacht dat zij volledige medewerking verlenen aan het inplannen en uitvoeren van de gesprekken van de minderjarigen met de bijzondere curator.
Van haar bevindingen dient de bijzondere curator uiterlijk twee dagen voor de nader te bepalen behandeling ter terechtzitting een schriftelijk verslag aan de rechtbank en de ouders toe te sturen. De bijzondere curator licht het verslag zo nodig ter terechtzitting toe.
De rechtbank zal de zaak voor de verdere inhoudelijke behandeling verwijzen naar de meervoudige kamer van deze rechtbank.
(alleen opnemen indien kostenveroordeling is verzocht)
Beslissing
De rechtbank:
*
benoemt tot bijzondere curator over de minderjarigen:
[minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats],
[minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2016 te [geboorteplaats],
[minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 3] 2017 te [geboorteplaats],
[minderjarige 4], geboren op [geboortedatum 4] 2020 te [geboorteplaats],
drs. I. (Ingeborg) Sandig
[adres 2]
telefoonnummer: [telefoonnummer]
e-mailadres: [e-mailadres]
bepaalt dat de griffier een afschrift van de processtukken aan de bijzondere curator zal toesturen;
bepaalt dat de bijzondere curator uiterlijk twee dagen voor de nader te bepalen behandeling ter zitting haar schriftelijk verslag aan de rechtbank en de (advocaten van de) ouders dient te sturen;
*
houdt iedere verdere beslissing aan;
*
verwijst de zaak naar de meervoudige kamer.
|
Deze beschikking is gegeven door mr. H.M. Boone, rechter, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. M. Meijer als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 11 september 2026. |