ECLI:NL:RBDHA:2026:29869

Datum uitspraak
09-09-2026
Instantie
Rechtbank Den Haag
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Zaaknummer
C/09/689984 / FA RK 25-6098
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Vaststellen geboortegegevens en voornaamswijziging. IPR.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige kamer

Rekestnummer: FA RK 25-6098

Zaaknummer: C/09/689984

Datum beschikking: 9 september 2026

Voornaamswijziging en vaststellen geboortegegevens

Beschikking op het op 12 augustus 2025 ingekomen verzoekschrift van:

[verzoekende partij] ,

Verzoeker, gelet op diens genderbeleving hierna: verzoekster,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

Volgorde = geslachtsnaam, voornaam, geboren op ..... te .....,

Toelichting: Geboorteplaats bepaalt de gemeente waar de akte is of moet worden opgenomen en dus ook welke rechtbank bevoegd is ex art. 263 Rv.

advocaat: mr. R.G. Groen, te Heerlen.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage,

zetelend te ’s-Gravenhage,

de ambtenaar.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

  • het verzoekschrift, met bijlagen;

  • het F9 formulier van 1 september 2025, met bijlagen;

  • de brief van 24 oktober 2025 van de ambtenaar;

  • de brief van 9 december 2025 van de ambtenaar;

  • de brief van 3 februari 2025 van de ambtenaar;

  • het F9 formulier van 31 maart 2026, met het gewijzigd verzoek, van verzoekster;

  • de brief van 21 april 2026 van de ambtenaar;

  • het F9 formulier van 20 mei 2026 van verzoekster.

Verzoek

Het verzoekschrift strekt, na wijziging, om bij beschikking:

a. de geboortegegevens van verzoekster als volgt vast te stellen:

- naam : [namenreeks] ;

- voornamen : -

- geboortedatum : [geboortedatum] 1994

- geboorteplaats : [geboorteplaats] , [geboorteland]

- geslacht : mannelijk

de ambtenaar van de burgerlijke stand van Den Haag te gelasten de geboorteakte aan de hand van voornoemde gegevens op te maken en in te schrijven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente Den Haag;

de ambtenaar van de burgerlijke stand van Den Haag te gelasten de voornaam “ [voornaam] ” van verzoekster, te wijzigen in die zin dat deze voortaan luidt: [nieuwe voornaam] , zodat verzoekster zal zijn geheten: [nieuwe naam] , althans te gelasten – indien de rechtbank van oordeel is dat de gehele namenreeks ( [namenreeks] ) één geslachtsnaam is (dus zonder voornaam en verzoekster dus nog geen voornaam heeft) – de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Den Haag de voornaam van verzoekster te wijzigen in die zin dat deze voortaan luidt: [nieuwe voornaam] .

De ambtenaar heeft geen bezwaar tegen vaststelling van de volgende geboortegegevens:

- Naam : [namenreeks]

  • Voornamen : -

  • Geboortedatum : [geboortedatum] 1994

  • Geboorteplaats : [geboorteplaats] , [geboorteland]

  • Geslacht : mannelijk

Feiten

  • Blijkens de Basisregistratie personen (BRP) is verzoekster geboren op [geboortedatum] 1994 te [geboorteplaats] , [geboorteland] .

  • Blijkens de BRP heeft verzoekster de Soedanese nationaliteit.

  • Blijkens de BRP verblijft verzoekster rechtmatig in Nederland op grond van artikel 8, onder d van de Vreemdelingenwet 2000. In de registers van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage komt geen geboorteakte van verzoekster voor.

Beoordeling

Vaststellen geboortegegevens

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Omdat verzoekster in Nederland woont, heeft de Nederlandse rechter op grond van artikel

3 aanhef en onder a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) rechtsmacht om te beslissen op het verzoek tot vaststelling van de geboortegegevens.

De rechtbank Den Haag is bevoegd om van het verzoek kennis te nemen, nu vaststelling van de geboortegegevens op grond van artikel 1:25c van het Burgerlijk Wetboek (BW) dient plaats te vinden in de registers van de burgerlijke stand te ’s-Gravenhage.

Op grond van artikel 10:20 BW is Nederlands recht op het verzoek van toepassing.

Ontvankelijkheid

Op grond van artikel 1:25c lid 1 BW kan deze rechtbank, indien ten aanzien van een buiten Nederland geboren persoon geen akte van geboorte overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of kan worden overgelegd, op verzoek van het openbaar ministerie, van een belanghebbende of van de ambtenaar, de voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vaststellen, indien:

  1. die persoon Nederlander is of te eniger tijd Nederlander dan wel Nederlands onderdaan niet-Nederlander is geweest;

  2. die persoon rechtmatig verblijft op grond van artikel 8, onder c en d, van de Vreemdelingenwet 2000;

  3. op grond van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek een latere vermelding aan de akte van geboorte moet worden toegevoegd.

Nu verzoekster rechtmatig in Nederland verblijft op grond van artikel 8 onder d, van de Vreemdelingenwet 2000 is verzoekster op grond van artikel 1:25c lid 1 sub b BW ontvankelijk in haar verzoek.

Inhoudelijke beoordeling

Verzoekster heeft aangegeven dat zij van mening is dat zij tot het vrouwelijke geslacht behoort en zonder vervangende geboorteakte kunnen de voornaam en de genderidentiteit in de BRP niet worden gewijzigd door de ambtenaar. Verzoekster heeft daarom belang bij toewijzing van het verzoek.

De rechtbank is gebleken dat geen geboorteakte van verzoekster is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van ’s-Gravenhage en onder de overgelegde stukken bevindt zich ook geen geboorteakte voorzien van de vereiste legalisatie. De rechtbank is van oordeel dat verzoekster voldoende aannemelijk heeft gemaakt niet te beschikken over een overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte akte van geboorte en deze ook niet kan verkrijgen. Het is voor verzoekster niet mogelijk om een beroep te doen op de autoriteiten van het land van herkomst, gelet op de asielstatus van verzoekster kan niet van hem gevergd worden om hem te verplichten contact op te nemen met de autoriteiten van het land van geboorte. Daarom moeten de geboortegegevens worden vastgesteld zoals bedoeld in artikel 1:25c BW.

De rechtbank is van oordeel dat uit de inhoud van de in het geding gebrachte stukken voldoende aanwijzingen zijn verkregen omtrent de omstandigheden waaronder en de datum waarop de geboorte van verzoekster moet hebben plaatsgehad. De rechtbank is van oordeel dat de geboortegegevens moeten worden vastgesteld conform het voorstel van de ambtenaar nu deze gegevens overeenkomen zoals door verzoekster is verzocht.

De rechtbank zal geen oudergegevens vaststellen, nu daarvoor geen aanwijzingen zijn verkregen en verzoekster hiertoe geen verzoek heeft gedaan.

Gelet op het voorgaande is het verzoek op de wet gegrond en op navolgende wijze voor toewijzing vatbaar.

Voornaamswijziging

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Omdat verzoekster in Nederland woont, heeft de Nederlandse rechter op grond van artikel 3 aanhef en onder a Rv rechtsmacht om te beslissen op het verzoek tot voornaamswijziging.

De rechtbank zal op dit verzoek op grond van artikel 10:20 BW Nederlands recht toepassen.

Inhoudelijke beoordeling

Zoals hierboven weergegeven heeft verzoekster aangegeven dat zij van mening is dat zij tot het vrouwelijke geslacht behoort. Zij verzoekt haar naam te wijzigen in “ [nieuwe voornaam] ” zodat haar volledige naam voortaan luidt “ [nieuwe naam] ”. De rechtbank begrijpt het verzoek tot wijziging van de naam als een verzoek waarbij verzoekster in plaats van de namenreeks “ [namenreeks] ” de namenreeks “ [nieuwe naam] ” wenst te krijgen.

De rechtbank stelt voorop dat een voornaamswijziging dan wel de wijziging van een namenreeks – indien toegewezen – eerst tot stand komt doordat van de beschikking waarbij de voornaamswijziging dan wel de wijziging van de namenreeks is gelast een latere vermelding aan de geboorteakte wordt toegevoegd.

Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende gebleken van een zwaarwichtig belang bij toewijzing van het verzoek tot wijziging van de namenreeks. De gevraagde wijziging van de eerste naam in de namenreeks is geoorloofd naar de maatstaven van artikel 1:4, tweede lid, BW. De rechtbank zal dat verzoek derhalve toewijzen.

Last tot inschrijving

Het verzoek de ambtenaar te gelasten de beschikking in te schrijven in het register van geboorte van de gemeente ’s-Gravenhage, wordt bij gebrek aan belang afgewezen nu een en ander reeds uit de wet volgt (artikel 1:25f BW). Voorts zal van de rechterlijke uitspraak houdende een vaststelling van het vaderschap op de geboorteakte aantekening worden gemaakt.

Beslissing

De rechtbank:

stelt van verzoekster de volgende geboortegegevens vast:

Naam : [namenreeks]

Voornamen : -

Geboortedatum : [geboortedatum] 1994

Geboorteplaats : [geboorteplaats] , [geboorteland]

Geslacht : mannelijk

gelast de wijziging van de naam van verzoekster in die zin dat de naam zal luiden: “ [nieuwe naam] ”;

Deze beschikking is gegeven door mr. A.M. Brakel, rechter, bijgestaan door mr. A.F. Lemmens als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 9 september 2026.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »