ECLI:NL:RBDHA:2026:27920

Datum uitspraak
30-09-2026
Instantie
Rechtbank Den Haag
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Zaaknummer
SGR 24/10020
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Afwijzing Anw. Eiseres is geen nabestaande want er was geen sprake van een gezamenlijke huishouding (geen hoofdverblijf) met de overledene.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummer: SGR 24/10020

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 september 2026 in de zaak tussen

[eiseres], uit [woonplaats], eiseres

(gemachtigde: mr. B.B.A. Willering),

en

de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, verweerder

(gemachtigde: mr. K. Verbeek).

Inleiding

Bij besluit van 25 juli 2024 (het primaire besluit) heeft verweerder geweigerd aan eiseres per 1 februari 2024 een uitkering op grond van de Algemene nabestaandewet (Anw) toe te kennen.

Bij besluit van 26 november 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder het door eiseres tegen het primaire besluit gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

Verweerder heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 25 augustus 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van verweerder.

Beoordeling door de rechtbank

1. Eiseres heeft op 10 juli 2024 een aanvraag ingediend voor toekenning van een Anw-uitkering. Deze aanvraag houdt verband met het overlijden van de heer [naam] op [datum] 2024. Eiseres en [naam] hadden samen een kind. Dit kind is niet door [naam] erkend.

2. Verweerder heeft de aanvraag voor een Anw-uitkering afgewezen omdat eiseres niet als nabestaande van [naam] is aan te merken. Volgens verweerder is geen sprake geweest van een gezamenlijk huishouden tussen eiseres en [naam]. Bij het bestreden besluit heeft verweerder dit standpunt gehandhaafd.

3. Eiseres voert aan dat [naam] vanaf januari 2023 zijn hoofdverblijf bij haar had. Zij hadden vanaf 2018 een LAT-relatie die geleidelijk over ging naar vaste inwoning op haar adres. Door de ziekte ALS van [naam] is het er helaas nooit van gekomen hem op haar adres in te schrijven. Feitelijk gezien was daar echter wel sprake van. Ook was er sprake van wederzijdse zorg. Eiseres verleende de meeste zorg, maar [naam] probeerde ook zorg te verlenen naar gelang zijn mogelijkheden daartoe.

4.1.

Ingevolge artikel 1, aanhef en onder d, van de Anw wordt nabestaande verstaan: de echtgenoot van degene, die op de dag van overlijden verzekerd is op grond van deze wet.

4.2.

Ingevolge artikel 3, tweede lid, van de Anw wordt -voor zover hier van belang- als gehuwd of als echtgenoot mede aangemerkt de ongehuwde meerderjarige die met een andere ongehuwde meerderjarige een gezamenlijke huishouding voert.

4.3.

Ingevolge artikel 3, van de Anw is van een gezamenlijke huishouding sprake indien twee personen hun hoofdverblijf in dezelfde woning hebben en zij blijk geven zorg te dragen voor elkaar door middel van het leveren van een bijdrage in de kosten van de huishouding dan wel anderszins.

5.1.

De rechtbank stelt voorop dat nu het om een aanvraagsituatie gaat, de bewijslast op eiseres rust. Dit betekent dat zij aannemelijk moet maken dat allereerst de heer [naam] zijn hoofdverblijf bij haar had en dat er daarnaast sprake is van wederzijdse zorg.

5.2.

Het hoofdverblijf van een betrokkene is daar waar het zwaartepunt van zijn persoonlijk leven is. Dit moet aan de hand van concrete feiten en omstandigheden worden vastgesteld.

5.3.

Uit het dossier is de rechtbank gebleken dat de heer [naam] nooit is ingeschreven op het adres van eiseres. Hij heeft altijd ingeschreven gestaan op het adres van zijn moeder in Rotterdam. Verder is niet gebleken van andere omstandigheden uit objectieve bron die er op wijzen dat de heer [naam] vanaf januari 2023 feitelijk zijn hoofdverblijf had op het adres van eiseres. Er zijn geen administratieve of financiële registraties, zoals bijvoorbeeld van verzekeringen of poststukken, op naam van de heer [naam] op het adres van eiseres. Eiseres heeft op de hoorzitting bij verweerder aangegeven dat de heer [naam] het grootste deel van de week bij haar verbleef, dat hij een koffer met spullen vast op haar adres had en dat zij voor hem de administratie deed. Dit is echter bij gebrek aan ondersteunend bewijs onvoldoende om een hoofdverblijf aan te nemen.

5.4.

Gelet op het voorgaande is niet aannemelijk geworden dat de heer [naam] zijn hoofdverblijf had bij eiseres. Reeds hierom is er geen sprake van een gezamenlijke huishouding. Eiseres kan daarom niet als nabestaande in de zin van de Anw worden aangemerkt.

6. Het beroep is ongegrond.

7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. D.R. van der Meer, rechter, in aanwezigheid van W.M. Colpa, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 30 september 2026.

griffier

rechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen (https://mijn.rechtspraak.nl/keuze)” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »