ECLI:NL:RBDHA:2026:2519
Inhoudsindicatie
Erkenning en tenuitvoerlegging buitenlands vonnis; Erkenningsverdrag, verzoek/vordering artikel 431 lid 2 Rv, immuniteit van jurisdictie. In 2024 heeft de rechtbank in Kyiv de Russische Federatie op vordering van Luganskgaz, een aardgasleverancier, veroordeeld tot betaling van…
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 13 Advocatenwet Advocatenwet
- Art. 1 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 431 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 985 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 986 Rv Burgelijke Rechtsvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:RBDHA:2025:5598 — 02-04-2025 Rb. Den Haag Civiel recht
Erkenning en tenuitvoerlegging buitenlands vonnis; Erkenningsverdrag, verzoek/vordering artikel 431 lid 2 Rv, immuniteit van jurisdictie. Bij verstekvonnis van 6 maart 2023 heeft een rechtbank in Kyiv de Russische Federatie veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding aan… - ECLI:NL:RBAMS:2025:5971 — 14-08-2025 Rb. Amsterdam Civiel recht
Vordering tot opheffing conservatoir beslag geweigerd. Beslag betreft vergoeding van in Oekraine geleden schade. - ECLI:NL:RBDHA:2022:4542 — 11-05-2022 Rb. Den Haag Civiel recht
Bij dagvaarding tenuitvoerlegging alimentatievonnissen Amerikaanse rechtbank gevorderd. Alimentatieverdragen van toepassing. Verwezen naar verzoekschriftprocedure: voorzieningenrechter (exequaturprocedure) en team familie (voorlopige pali en/of echts.). - ECLI:NL:GHARL:2026:438 — 27-01-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Toewijzing verzoek erkenning in Nederland van in buitenland gewezen arbitraal vonnis en verlof om dat vonnis in Nederland ten uitvoer te leggen. 1075 Rv, 985 Rv, artikel III, IV en V Verdrag van New York 1958. Geen weigeringsgronden aangevoerd. Het hof stelt vast dat geen sprake… - ECLI:NL:GHAMS:2026:158 — 20-01-2026 Hof Amsterdam Civiel recht
Voortzetting exequaturprocedure. Inmiddels staat vast dat het stuk is toegezonden op een van de in het Haags Betekeningsverdrag geregelde wijzen, sinds het tijdstip van toezending van het stuk een termijn van zes maanden is verlopen en in weerwil van alle daartoe bij de bevoegde…