ECLI:NL:RBAMS:2026:8965

Datum uitspraak
27-08-2026
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Rechtsgebied
Civiel recht
Zaaknummer
12163123 \ CV EXPL 26-4832
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Terugbetaling waarborgsom na huur evenementenruimte. Huurder heeft de huisregels geschonden en mocht vanwege die tekortkoming een deel van de borg inhouden.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Civiel recht

Kantonrechter

Zaaknummer: 12163123 \ CV EXPL 26-4832

Vonnis van 27 augustus 2026

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats 1],

eisende partij in conventie,

verwerende partij in reconventie,

hierna te noemen: [eiser],

gemachtigde: [gemachtigde],

tegen

[gedaagde] (H.O.D.N. [bedrijf]),

wonende te [woonplaats 2],

gedaagde partij in conventie,

eisende partij in reconventie,

hierna te noemen: [gedaagde],

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 29 oktober 2025, met producties,

- de conclusie van antwoord, tevens houdende een eis in reconventie,

- het vonnis van de Rechtbank Noord-Holland van 14 januari 2026, waarin de zaak is verwezen naar de rechtbank Amsterdam,

- de conclusie van antwoord in reconventie.

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 31 juli 2026. [eiser] is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. [gedaagde] is in persoon verschenen. Partijen hebben hun standpunten toegelicht en vragen van de kantonrechter beantwoord.

1.3.

Ten slotte is een datum voor vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[gedaagde] huurt de bedrijfsruimte gelegen aan de [adres]. Een deel van de ruimte verhuurt zij als evenementenruimte aan derden.

2.2.

Partijen hebben via Instagram gecorrespondeerd over de huur van de evenementenruimte. [eiser] heeft de evenementenruimte op 2 oktober 2025 van 18:00 tot 00:00 gehuurd voor het organiseren van haar verjaardagsfeest voor een bedrag van € 550,00. Ook moest [eiser] een borg van € 500,00 betalen. Met betrekking tot de borg schreef [gedaagde] via Instagram aan [eiser]; “Indien de ruimte netjes is achtergelaten krijg je het de volgende dag retour op je rekening.”

2.3.

Voorafgaand aan het verjaardagsfeest heeft [gedaagde] via Instagram een bestand met huisregels met [eiser] gedeeld. Daarin is onder meer opgenomen dat het is verboden binnen en buiten op het terrein te roken en vuurwerk af te steken. Ook staat in de huisregels dat alle schade aan het pand, terrein of inventaris wordt verhaald op de contactpersoon en dat de borg wordt ingehouden.

2.4.

Voorafgaand aan de huurperiode schreef [eiser] via Instagram aan [gedaagde]: “Ff voor de zekerheid de ruimte die wordt dus sws schoongemaakt door een bedrijf maar ik moet natuurlijk mijn deco en troep natuurlijk weggooien en meenemen toch? Dat is wat je bedoelt met schoon achterlaten. En als ik gebruik maak van de servies die ook schoonmaken correct?”. Op dat bericht heeft [gedaagde] geantwoord: “Klopt”.

2.5.

[gedaagde] heeft de borg niet aan [eiser] terugbetaald.

3 Het geschil

in conventie

3.1.

[eiser] vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 500,00 aan hoofdsom, € 75,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, een en ander vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 oktober 2025 en de proceskosten.

3.2.

[eiser] legt aan haar vordering ten grondslag – samengevat - dat [gedaagde] gehouden is de borg aan haar terug te betalen. [gedaagde] heeft niet aangetoond dat sprake is van concrete schade aan het binnen- of buitenterrein als gevolg van het gebruik van de evenementenruimte door [eiser].

3.3.

[gedaagde] voert verweer en stelt dat [eiser] wanprestatie heeft gepleegd door de huurovereenkomst, de huisregels en expliciete afspraken te schenden. [eiser] (dan wel haar gasten) hebben taartvuurwerk en vuurwerk afgestoken en de ruimte en het servies niet schoon achtergelaten. Er lag een plas water op de vloer, de muren waren beschadigd, er lagen sigarettenpeuken binnen en buiten, en het servies is niet schoongemaakt.

in reconventie

3.4.

In reconventie vordert [gedaagde] - samengevat - [eiser] aansprakelijk te verklaren voor de volledige schade die gedaagde heeft geleden en nog zal leiden.

3.5.

[gedaagde] legt aan de vordering ten grondslag dat de daadwerkelijk geleden schade de borgsom van € 500,00 ruimschoots overstijgt. Als gevolg van het handelen van [eiser] moet zij de evenementenruimte verlaten en haar onderneming verhuizen naar een andere locatie. Dit leidt tot gederfde verhuurinkomsten van € 15.000,00 (3 maanden x € 5.000,00) en nader te bepalen verhuiskosten. Ook schoonmaak- en herstelkosten (nader te bepalen), reputatieschade (nader te bepalen) en verrekening van de borg met de hoofdverhuurder (€ 4.425,00) dienen door [eiser] te worden vergoed.

3.6.

[eiser] voert verweer en stelt – samengevat - dat [gedaagde] niet heeft aangetoond dat zij de gestelde schade daadwerkelijk heeft geleden, noch dat deze schade het gevolg is van het evenement van [eiser].

3.7.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4 De beoordeling

in conventie

4.1.

Tussen partijen staat vast dat tijdens het gebruik van de evenementenruimte door (de gasten van) [eiser] (taart)vuurwerk is afgestoken. Dit is in strijd met de huisregels die onderdeel uitmaken van de huurovereenkomst, zodat sprake is van een toerekenbare tekortkoming aan de zijde van [eiser]. De borg strekt er toe om nakoming van de huurovereenkomst te waarborgen en de verhuurder zekerheid te bieden voor eventuele schade of tekortkomingen. Nu vaststaat dat [eiser] de huisregels heeft geschonden, mocht [gedaagde] een deel van de borg inhouden.

4.2.

Voor zover [gedaagde] zich beroept op overige tekortkomingen, geldt het volgende. [eiser] heeft onbetwist gesteld dat zij het servies niet heeft gebruikt en dat zich daarop al kauwgom bevond voordat zij aankwam bij de evenementenruimte. Ook betwist [eiser] dat er binnen is gerookt, en is op de door partijen overgelegde foto’s niet duidelijk zichtbaar dat sprake is van (aan het gebruik door [eiser] toe te rekenen) schade aan de muren. [gedaagde] stelt verder nog dat er water op de vloer lag, maar uit de door partijen overgelegde Instagram-correspondentie volgt niet dat [eiser] ook de vloeren moest reinigen. [gedaagde] heeft deze tekortkomingen dan ook onvoldoende onderbouwd zodat deze niet vast zijn komen te staan.

4.3.

Conclusie van het voorgaande is dat [gedaagde] enkel gerechtigd was een bedrag van de borg in te houden in verband met het afsteken van vuurwerk. De kantonrechter acht een bedrag van € 250,00 redelijk. Dat betekent dat [gedaagde] het restant van de borg, € 250,00, aan [eiser] moet terugbetalen.

4.4.

De gevorderde rente over de hoofdsom wordt toegewezen met ingang van de datum van dagvaarding. Er is namelijk niet toegelicht waarom de rente met ingang van de gevorderde ingangsdatum verschuldigd is.

4.5.

[eiser] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). [eiser] heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. [eiser] heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden. Het gevorderde bedrag van € 75,00 is hoger dan het bedrag van € 40,00 dat op grond van het Besluit toewijsbaar is bij een hoofdsom van € 250,00. Daarom zal een bedrag van € 40,00 worden toegewezen.

4.6.

Omdat beide partijen gedeeltelijk ongelijk krijgen, zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

in reconventie

4.7.

In reconventie overweegt de kantonrechter als volgt. [gedaagde] heeft de door haar gestelde schadeposten onvoldoende onderbouwd. Uit de door haar overgelegde correspondentie met de hoofdverhuurder blijkt niet ondubbelzinnig dat [gedaagde] de ruimte enkel als gevolg van het evenement van [eiser] moet ontruimen, zodat het causaal verband met de gestelde gederfde verhuurinkomsten en verhuiskosten ontbreekt; bovendien heeft [eiser] betwist dat sprake is van gederfde inkomsten, nu [gedaagde] de ruimte nog altijd zou verhuren. Het overgelegde betaalafschrift ter onderbouwing van de schoonmaak- en herstelkosten van € 225,00 toont niet aan dat dit bedrag in verband met het evenement van [eiser] is betaald en welke schoonmaakwerkzaamheden zijn uitgevoerd. Zonder die toelichting valt, gelet op hetgeen in conventie is overwogen, niet in te zien waarom deze kosten voor rekening van [eiser] moeten komen. De gestelde reputatieschade is niet geconcretiseerd. [gedaagde] stelt weliswaar dat er door [eiser] en haar vrienden negatieve recensies over haar onderneming zijn geplaatst, maar zij maakt niet duidelijk tot welke schade dit heeft geleid. Ten slotte heeft [gedaagde] niet onderbouwd waarom [eiser] aansprakelijk is voor de volledige borg die [gedaagde] aan haar verhuurder heeft betaald. Bij gebreke van deugdelijke onderbouwing van zowel de schade als het causaal verband, wordt de vordering in reconventie afgewezen.

4.8.

Nu de vordering in reconventie voortvloeit uit hetzelfde feitencomplex als de vordering in conventie, ziet de kantonrechter in die samenhang aanleiding de proceskosten in reconventie te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5 De beslissing

De kantonrechter

in conventie

5.1.

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 250,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 29 oktober 2025, tot de dag van volledige betaling,

5.2.

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten,

5.3.

compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

5.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

5.5.

wijst het meer of anders gevorderde af,

in reconventie

5.6.

wijst de vorderingen van [gedaagde] af,

5.7.

compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.J. Otten, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 27 augustus 2026.

64443

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »