ECLI:NL:RBAMS:2026:8399

Datum uitspraak
26-08-2026
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Rechtsgebied
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Zaaknummer
771715 / HA ZA 25-1240, 776406 / HA ZA 25-1543 en 776408 / HA ZA 25-1544
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

WAMCA-zaak over prijswijzigingsbedingen in energioecontracten. Bevekl aan de energieleveranciers ex art. 22 om stellingen toe te lichten door beantwoording van een aantal vragen.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

Rolbeslissing

RECHTBANK AMSTERDAM

afdeling privaatrecht

Rolbeslissing van 26 augustus 2026

in de zaak 771715 / HA ZA 25-1240

van

de stichting

STICHTING EERLIJKE HANDELSPRAKTIJKEN gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

advocaat mr. K. Rutten,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BUDGET THUIS B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

advocaat mr. T.M. Sweerts

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ENECO CONSUMENTEN B.V., gevestigd te Amsterdam,advocaat mr. J.A. van de Hel,3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ENERGIEDIRECT B.V.,gevestigd te ’s-Hertogenbosch,advocaat mr. M.H.C. Sinninghe Damsté,4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ESSENT RETAIL ENERGIE B.V.,gevestigd te ’s-Hertogenbosch,advocaat mr. M.H.C. Sinninghe Damsté,5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GREENCHOICE B.V.,

gevestigd te Rotterdam, mr. S. Simonetti,6. de naamloze vennootschap

VATTENFALL SALES NEDERLAND N.V., gevestigd te Amsterdam, advocaat mr. A.J. Haasjes,gedaagden,

in de zaak 776406 / HA ZA 25-1543

van

de stichting

STICHTING CONSUMENTEN COMPETITION CLAIMS,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

advocaat mr. C.C.A. van Rest,

tegen

de hiervoor genoemde gedaagden,

en

in de zaak 776408 / HA ZA 25-1544

van

de stichting

STICHTING CONSUMER JUSTICE,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

advocaat mr. W.A. Vader,

tegen

de hiervoor genoemde gedaagden

en tegen

7. de naamloze vennootschap

GREENCHOICE ZAKELIJK N.V.,

gevestigd te Rotterdam,

advocaat mr. S. Simonetti,

8. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ENGIE NEDERLAND RETAIL B.V.,

gevestigd te Zwolle,

advocaat mr. A.D. Polkerman,

9. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

OXXIO NEDERLAND B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

advocaat mr. J.A. van de Hel,

10. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VANDEBRON ENERGIE B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

advocaat mr. M.H.C. Sinninghe Damsté,

gedaagden.

1. Beoordeling

1.1.

De energieleverancier stellen dat zij niet op eenvormige wijze het prijswijzigingsbeding hebben toegepast en dat relevante verschillen zijn: de relevante tijdsperiode, het producttype en het contractueel kader.

1.2.

Met het oog op de mondelinge behandeling op 15 september 2026 acht de rechtbank nadere informatie op dit punt noodzakelijk. De rechtbank beveelt elk van de gedaagden op grond van artikel 22 Wetboek van burgerlijke rechtsvordering de onder 1.1. weergegeven stelling toe te lichten door beantwoording van de onderstaande vragen. Daarbij mogen de antwoorden beperkt worden tot de periode van 1 april 2017 tot heden, zo nodig onder te verdelen in verschillende perioden als er op zeker moment in die periode relevante wijzigingen zijn opgetreden.

1. Zijn in elk variabel energiecontract op basis van het ACM modelcontract met consumenten de Algemene sectorvoorwaarden 20171 (hierna: AV 2017) van toepassing verklaard? Zo niet, wanneer niet, wanneer wel?

Zijn er in de relatie met consumenten op basis van het ACM modelcontract (ook) andere bepalingen van toepassing die (mede) bepalend zijn voor de bevoegdheid de tarieven te wijzigen? Zo ja welke en wat is daarvan de inhoud?

2. Zijn in elk vrij variabel energiecontract met consumenten de AV 2017 van toepassing verklaard? Zo niet, wanneer niet, wanneer wel?

Zijn er in de relatie met consumenten op basis van vrije variabele energiecontracten (ook) andere bepalingen van toepassing die (mede) bepalend zijn voor de bevoegdheid de tarieven te wijzigen? Zo ja welke en wat is daarvan de inhoud?

3. Zijn variabele energiecontracten op basis van het ACM modelcontract ook gebruikt in overeenkomsten met kleinverbruikers die geen consument zijn? Zo ja, worden daarin steeds de AV 2017 van toepassing verklaard? Zo niet steeds, wanneer niet, wanneer wel?

Zijn (ook) andere bepalingen van toepassing die (mede) bepalend zijn voor de bevoegdheid de tarieven te wijzigen? Zo ja welke en wat is daarvan de inhoud?

4. Zijn in vrije variabele energiecontracten met kleinverbruikers die geen consument zijn steeds de AV 2017 van toepassing verklaard? Zo niet, wanneer niet, wanneer wel?

Zijn er in die energiecontracten (ook) andere bepalingen van toepassing die (mede) bepalend zijn voor de bevoegdheid de tarieven te wijzigen? Zo ja welke en wat is daarvan de inhoud?

1.3.

Gedaagden wordt verzocht de antwoorden op deze vragen zo overzichtelijk mogelijk te presenteren, zo dat verschillen en overeenkomsten tussen de verschillende leveranciers makkelijk zijn te zien, bij voorkeur in een gezamenlijke akte, die door een van de advocaten kan worden ingediend namens alle gedaagden. Indien dat het overzicht ten goede komt mag de beantwoording van de vragen in een excelbestand worden neergelegd.

2. Beslissing

De rechtbank:

2.1.

beveelt gedaagden op grond van het bepaalde in artikel 22 Rv ter toelichting van hun stellingen de onder 1.2 genoemde vragen te beantwoorden, op de wijze als vermeld onder 1.3,

2.2.

verwijst de zaak daartoe naar de rol van [datum] 2026,

2.3.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze rolbeslissing is gegeven door mr. R.H.C. Jongeneel, rechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken op 26 augustus 2026.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »