beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling Publiekrecht
Teams Strafrecht
Procesverbaalnummer: 2020044166
RK: 20/1273
Beschikking op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering van:
[Klager] ,
geboren op [geboortedag] 1989 te [geboorteplaats] ,
ingeschreven in de Basisregistratiepersonen op het adres [BRP-adres]
woonplaats kiezend op het kantooradres van zijn raadsman, mr. E.M. van Schaik,
[kantooradres] ,
klager, tevens beslagene.
1 Procesgang
Het klaagschrift is op 9 maart 2020 ter griffie van deze rechtbank ontvangen.
In verband met de coronamaatregelen heeft klager afstand gedaan op het recht van (aanwezigheid bij) een mondelinge behandeling in raadkamer. In plaats daarvan heeft de rechtbank, met instemming van de raadsman en het Openbaar Ministerie, na schriftelijke rondes, op 23 april 2020 buiten de raadkamer om op het verzoekschrift besloten.
2 Inhoud klaagschrift
Het klaagschrift strekt tot teruggave aan klager van het bij hem in beslag genomen voorwerp, te weten een Ford Focus met kenteken [kentekennummer] en diverse daarin gelegen goederen.
3 Beoordeling
Uit de stukken is het volgende gebleken.
Op 29 februari 2020 is op de voet van artikel 94 Sv voornoemde auto in beslag genomen. De daarin gelegen goederen zijn niet strafrechtelijk in beslag genomen. De rechtbank begrijpt het klaagschrift dan ook zo, dat het gericht is tegen de inbeslagname van voornoemde auto en de inhoud daarvan.
De officier van justitie heeft verklaard zich niet te verzetten tegen teruggave van het in beslag genomen voorwerp aan klager. Het strafvorderlijk belang verzet zich aldus niet tegen teruggave van de in beslag genomen auto (met inhoud).
Het beklag dient dan ook gegrond te worden verklaard.
4 Beslissing
De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.
De rechtbank verklaart het beklag gegrond en gelast de teruggave van de Ford Focus met kenteken [kentekennummer] aan klager.
Deze beslissing is gegeven door
mr. R.C.J. Hamming, rechter,
in tegenwoordigheid van mr. G. Onnink, griffier
en in het openbaar uitgesproken op 23 april 2020.
Tegen deze beslissing staat voor klager beroep in cassatie bij de Hoge Raad open, in te stellen bij de griffie van deze rechtbank, binnen veertien dagen na betekening van deze beschikking.