ECLI:NL:HR:2023:1031

Datum uitspraak
11-07-2023
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Strafrecht
Zaaknummer
21/04921
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Poging doodslag door op hotelkamer in Amsterdam meerdere malen met een mes in borst, rug en zij van toerist te steken (art. 287 Sr). Verwerping beroep op noodweer na ontslag van alle rechtsvervolging in eerste aanleg i.v.m. noodweerexces. Kon hof oordelen dat aan beroep op noodweer ten grondslag gelegde feiten en omstandigheden niet aannemelijk zijn geworden? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft kennelijk geoordeeld dat het lezing van verdachte niet (voldoende) aannemelijk geworden acht, omdat aard en omvang van het daartoe door verdediging aangehaalde letsel bij verdachte en aangever in onderling verband en in samenhang bezien (anders dan aan verweer ten grondslag is gelegd) meer past bij lezing van aangever, zodat hof daarvan uitgaat. Dit oordeel is (verweven als het is met waarderingen van feitelijke aard) niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/04921

Datum 11 juli 2023

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 18 november 2021, nummer 23-001806-20, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsvrouw van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1

Het cassatiemiddel klaagt dat het oordeel van het hof dat de aan het beroep op noodweer ten grondslag gelegde feiten en omstandigheden niet aannemelijk zijn geworden, ontoereikend is gemotiveerd.

2.2

Het cassatiemiddel faalt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 3.2 tot en met 3.11.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.E.M. Röttgering en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 juli 2023.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »