ECLI:NL:HR:2022:393

Datum uitspraak
18-03-2022
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Zaaknummer
20/03473
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Procesrecht. Klachten over strijd met tweeconclusieregel, aard van het boetebeding en matiging van de boete. Vervolg op HR 28 september 2018, 17/01261, ECLI:NL:HR:2018:1783.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/03473

Datum 18 maart 2022

ARREST

In de zaak van

HOLLAND CAPITAL PARTNERS B.V.,gevestigd te Bussum,

EISERES tot cassatie,

hierna: HCP,

advocaten: J.P. Heering en H. Boom,

tegen

MN SERVICES N.V.,gevestigd te Den Haag,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: MN,

advocaten: J.W.M.K. Meijer en G.J. Harryvan.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:

  1. zijn arrest in de zaak 17/01261, ECLI:NL:HR:2018:1783 van 28 september 2018;

  2. het arrest in de zaak 200.258.818/01 van het gerechtshof Amsterdam van 28 juli 2020.

HCP heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

MN heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor HCP mede door G.J. Standhardt.

De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaten van HCP hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt HCP in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van MN begroot op € 6.971,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien HCP deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 18 maart 2022.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »