ECLI:NL:HR:2022:1335

Datum uitspraak
30-09-2022
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Zaaknummer
21/03317
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Verbintenissenrecht. Beroep op dwaling slaagt wegens gestelde oplichtingsconstructie. Klachten over miskenning tweeconclusieregel en gezag van gewijsde in verband met uitspraak Belgische rechter.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 21/03317

Datum 30 september 2022

ARREST

In de zaak van

BAER CASTLE INTERNATIONAL N.V.,gevestigd te Heist Op Den Berg, België,

EISERES tot cassatie,

hierna: BCI,

advocaat: A.H. Vermeulen,

tegen

[verweerster], tevens in

haar hoedanigheid van enig erfgename en executeur in de nalatenschap van [betrokkene 1]wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: [verweerster],

advocaat: J.H.M. van Swaaij.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. het vonnis in de zaak 6372877 RL EXPL 17-25265 van de kantonrechter te Den Haag van 22 mei 2018;

  2. de arresten in de zaak 200.245.195/01 van het gerechtshof Den Haag van 18 september 2018, 14 mei 2019, 23 juli 2019 en 4 mei 2021.

BCI heeft tegen het arrest van het hof van 4 mei 2021 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerster] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor BCI mede door A.A.M. Knol.

De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van BCI heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt BCI in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 916,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 30 september 2022.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »