HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/02729
Datum 15 juli 2022
ARREST
In de zaak van
STICHTING VERZEKERINGSBUREAU VOERTUIGCRIMINALITEIT,gevestigd te Apeldoorn,
EISERES tot cassatie,
hierna: VbV,
advocaat: M.E. Bruning,
tegen
[verweerder] handelend onder de naam CIKO CARS & PARTS,wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: [verweerder],
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
de vonnissen in de zaak C/10/481525 / HA ZA 15-798 van de rechtbank Rotterdam van 29 juni 2016, 20 september 2017 en 18 juli 2018;
-
het arrest in de zaak 200.245.590/01 van het gerechtshof Den Haag van 30 maart 2021.
VbV heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van VbV heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd en daarbij als bijlage een brief van het Verbond van Verzekeraars gevoegd. De eisen van een goede procesorde brengen mee dat bij de reactie op de conclusie van de Advocaat-Generaal, behoudens uitzonderlijke omstandigheden, geen plaats is voor aanvulling van de stukken van het geding.1 De Hoge Raad zal daarom geen acht slaan op de inhoud van de bijlage.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt VbV in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.J.P. Lock, als voorzitter, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 15 juli 2022.