ECLI:NL:HR:2021:152

Datum uitspraak
29-01-2021
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Zaaknummer
19/05467
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Executiegeschil. Uitleg dwangsomvonnis.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/05467

Datum 29 januari 2021

ARREST

In de zaak van

[verzoeker],wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

hierna: [verzoeker],

advocaat: M.B.A. Alkema,

tegen

STICHTING ANTILLIAANS ADVENT ZIEKENHUIS,gevestigd in Curaçao,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: Advent,

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. het vonnis in de zaak CUR201803645 van de voorzieningenrechter in het gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 9 november 2018;

  2. het vonnis in de zaak CUR201803645-CUR2018H00434 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 1 oktober 2019.

[verzoeker] heeft tegen het vonnis van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Advent heeft geen verweerschrift ingediend.

De zaak is voor [verzoeker] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [verzoeker] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het vonnis van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat vonnis. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Advent begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 29 januari 2021.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »