HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 18/02703
Datum 12 juli 2019
ARREST
In de zaak van
1. DAYSUN REALTY CORPORATION N.V.,gevestigd in Curaçao,
2. REWACHAND FREE ZONE N.V.,gevestigd in Curaçao,
3. CRISTAL RESTAURANTS N.V.,gevestigd in Curaçao,
4. NISHI N.V.,gevestigd in Curaçao,
5. ATRIUM SPA FITNESS N.V.,gevestigd in Curaçao,
VERZOEKSTERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: Daysun c.s.,
advocaat: mr. M.E. Bruning,
tegen
BANCO DI CARIBE N.V.,gevestigd in Curaçao,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Banco di Caribe,
advocaat: mr. R.S. Meijer.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak AR 58467/2012 van het gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 29 september 2014 en 28 november 2016;
b. het vonnis in de zaak AR 58467/12 - H 74/17 van het gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 20 maart 2018;
Daysun c.s. hebben tegen het vonnis van het gemeenschappelijk Hof beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Banco di Caribe heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor Banco di Caribe toegelicht door haar advocaat en mede door mr. E.J. Teijgeler.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Daysun c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Daysun c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Banco Di Caribe begroot op € 865,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, M.V. Polak, M.J. Kroeze en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 12 juli 2019.