ECLI:NL:HR:2017:1305
Inhoudsindicatie
Herziening. Veroordeling t.z.v. gekwalificeerde doodslag (meermalen gepleegd) en gekwalificeerde diefstal met geweld binnen het internationale drugscircuit. Aangevoerd wordt dat mededader via zijn advocaat aan gemachtigde van aanvrager heeft laten weten dat bij Rb en Hof…
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 457 Sv Wetboek van Strafvordering
- Art. 462 Sv Wetboek van Strafvordering
- Art. 466 Sv Wetboek van Strafvordering
- Art. 467 Sv Wetboek van Strafvordering
- Art. 469 Sv Wetboek van Strafvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:HR:2012:BX6402 — 02-10-2012 Hoge Raad Strafrecht
Herziening; Wet hervorming herziening ten voordele. De aanvraag tot herziening is bij de HR ingekomen op 18-4-2011. Nadien is de Wet hervorming herziening ten voordele tot stand gekomen (Stb. 2012, 275), die op 1-10-2012 in werking is getreden. Deze wet bevat geen bepalingen… - ECLI:NL:HR:2023:1772 — 19-12-2023 Hoge Raad Strafrecht
Herziening. Deventer moordzaak. Moord in 1999 in Deventer, art. 289 Sr. Aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag berusten op stelling dat sprake is van gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv. In aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag wordt beroep gedaan op vier… - ECLI:NL:HR:2018:2095 — 13-11-2018 Hoge Raad Strafrecht
Tussenarrest herziening n.a.v. aanvraag AG bij HR. Rosmalense flatmoord. Doodslag op vriendin door met mes haar keel door te snijden, art. 287 Sr. TBS met dwangverpleging na ontslag van alle rechtsvervolging wegens ontoerekeningsvatbaarheid. Aangevoerd wordt dat bevindingen… - ECLI:NL:HR:2009:BI1689 — 23-06-2009 Hoge Raad Strafrecht
Herziening Ina P. Rapport CEAS. Als novum is aangevoerd dat het tijdstip van overlijden van het s.o., waarvan het Hof blijkens de bewijsvoering is uitgegaan (te weten: tussen 18.00 en 19.10 uur), niet juist kan zijn. De bewezenverklaring van de betrokkenheid van aanvraagster bij… - ECLI:NL:HR:2009:BH2415 — 10-02-2009 Hoge Raad Strafrecht
Herziening geurproef. M.b.t. het bewijs van het onder 3 tlg. feit is aannemelijk dat de PR bij uitstek aan het desbetreffende resultaat van de geuridentificatieproef heeft ontleend dat aanvrager in verband moet worden gebracht met dit strafbare feit. I.c. moet het daarom ervoor…