ECLI:NL:HR:2016:2643
Inhoudsindicatie
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). EU-Handhavingsrichtlijn 2004/48/EG. Exhibitie. Art. 1019a, 1019b en 843a Rv. Wat zijn de maatstaven voor toewijzing van een exhibitievordering in verband met een beweerde IE-inbreuk? Prejudiciële vragen aan HvJEU over eventuele afwijkende…
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 392 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 393 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 843a Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 1019 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 1019a Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 1019b Rv Burgelijke Rechtsvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:HR:2016:2834 — 09-12-2016 Hoge Raad Civiel recht
Vervolg op HR 18 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2643. Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). EU-Handhavingsrichtlijn 2004/48/EG. Exhibitie. Art. 1019a, 1019b en 843a Rv. Wat zijn de maatstaven voor toewijzing van een exhibitievordering in verband met een beweerde IE-inbreuk? Thans… - ECLI:NL:GHARL:2015:7521 — 06-10-2015 Hof Arnhem-Leeuwarden Civiel recht
Octrooirecht, prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over uitleg 843a Rv bij inbreuk op octrooi. - ECLI:NL:HR:2018:1775 — 28-09-2018 Hoge Raad Civiel recht
Procesrecht. Exhibitievordering (art. 843a Rv). Bedrijfsgeheimen. Bewijsbeslag. Maatstaf voor aannemen van rechtsbetrekking in de zin van art. 843a Rv bij gesteld onrechtmatig verkrijgen en gebruiken van bedrijfsgeheimen. Relevantie van nog niet toepasselijke Richtlijn (EU)… - ECLI:NL:HR:2013:BZ9958 — 13-09-2013 Hoge Raad Civiel recht
Prejudiciële beslissing, art. 392 Rv. Bewijsbeslag, mogelijkheid, wettelijke grondslag, art. 843a in verbinding met art. 730 Rv, overeenkomstige toepassing art. 1019a lid 1 en 3, 1019b lid 3 en 4, en 1019c Rv. Geen fishing expeditions. Beginselen van proportionaliteit en… - ECLI:NL:GHDHA:2026:128 — 10-02-2026 Hof Den Haag Civiel recht
Kort geding. Merkenzaak. Geen voldoende spoedeisend belang bij handhaving van een inbreukverbod voor de toekomst omdat de bodemrechter ondertussen aan gedaagde een gelijkluidend inbreukverbod heeft opgelegd. Geen voldoende spoedeisend belang bij handhaving van een…