ECLI:NL:HR:2008:BF0079

Datum uitspraak
09-09-2008
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Strafrecht
Zaaknummer
01495/07 E
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Conclusie AG: Onder de term "veld" i.d.z.v. art. 1 van de Flora- en faunawet dient te worden verstaan "een voor de uitoefening van de jacht bestemd of geschikt terrein". Blijkens de gebezigde bewijsmiddelen heeft het Hof o.m. vastgesteld dat er op het totale boscomplex, waarvan het terrein waarop verdachte zich bevond deel uitmaakt, diverse beschermde inheemse diersoorten voorkomen waaronder wilde zwijnen, reeën en edelherten. Voorts heeft het Hof vastgesteld dat ook op het hiervoor bedoelde terrein wel eens wilde zwijnen komen en dat het op dat terrein mogelijk was m.b.v. de kastval - ook van het totale boscomplex afkomstige - beschermde dieren te vangen. Uit e.e.a. volgt, dat er kan worden gesproken van een voor de jacht geschikt terrein, en dus van een "veld" i.d.z.v. de Flora- en faunawet. HR: 81 RO.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

9 september 2008

Strafkamer

nr. S 01495/07 E

AM/RR

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem, Economische Kamer, van 2 oktober 2006, nummer 21/002793-05, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1934, wonende te [woonplaats].

1. Geding in cassatie

1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. A.H.J.G. van Voorthuizen, advocaat te Ede, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Schipper heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

1.2. De Hoge Raad heeft kennisgenomen van het schriftelijk commentaar van de raadsman op de conclusie van de Advocaat-Generaal.

2. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Slotsom

Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, en uitgesproken op 9 september 2008.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »