ECLI:NL:HR:2008:BC8965

Datum uitspraak
23-05-2008
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Civiel recht
Zaaknummer
07/11496
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bewijsrecht; passeren van bewijsaanbod, geen verboden prognose (81 RO).

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

23 mei 2008

Eerste Kamer

Nr. 07/11496 HR

EV/AG

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. J. Brandt,

t e g e n

[Verweerder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties

[Verweerder] heeft bij exploot van 14 december 1999 [eiser] gedagvaard voor de rechtbank Zutphen. Na wijziging van eis heeft [verweerder] gevorderd te verklaren voor recht, kort gezegd, dat [eiser] jegens hem onrechtmatig heeft gehandeld.

[Eiser] heeft de vordering bestreden.

De rechtbank heeft, na een tussenvonnis van 28 maart 2002, bij eindvonnis van 21 januari 2004 de gevorderde verklaring voor recht toegewezen.

Tegen beide vonnissen heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Bij arrest van 29 mei 2007 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd met verbetering van gronden. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen [verweerder] is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 23 mei 2008.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »