ECLI:NL:HR:2007:AZ5685

Datum uitspraak
16-03-2007
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Zaaknummer
R05/158HR
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Familierecht; internationaal privaatrecht. Geschil tussen voormalige, in het Marokkaans consulaat te Brussel gehuwde, echtelieden over de door de rechtbank op verzoek van de Nederlandse vrouw uitgesproken echtscheiding; internationale bevoegdheid (81 RO).

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

16 maart 2007

Eerste Kamer

Rek.nr. R05/158HR

RM/AT

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De man],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. R.M. van der Zwan,

t e g e n

[De vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: aanvankelijk mr. L. van Hoppe, thans mr. S.M. Kingma.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 12 augustus 2003 ter griffie van de rechtbank te Leeuwarden ingekomen verzoekschrift heeft verweerster in cassatie - verder te noemen: de vrouw - zich gewend tot die rechtbank en verzocht tussen haar en verzoeker tot cassatie - verder te noemen: de man - echtscheiding uit te spreken, en nevenvoorzieningen te treffen.

De man heeft geen verweerschrift ingediend.

De rechtbank heeft bij beschikking van 21 januari 2004 tussen partijen echtscheiding uitgesproken.

Tegen deze beschikking heeft de man hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Leeuwarden en, voorzover in cassatie van belang, verzocht de beschikking van de rechtbank te vernietigen en, opnieuw beslissende, primair de rechtbank onbevoegd te verklaren.

Na mondelinge behandeling op 9 september 2004 heeft het hof bij beschikking 31 augustus 2005 de beschikking waarvan beroep bekrachtigd.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vrouw heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 16 maart 2007.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »