ECLI:NL:HR:2003:AF5550

Datum uitspraak
25-04-2003
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Civiel recht
Zaaknummer
R02/067HR
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

-

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

25 april 2003

Eerste Kamer

Rek.nr. R02/067HR

JMH

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoeker], wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. W.F.A.A.A.M. van de Pol,

t e g e n

[Verweerster], wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 29 januari 2001 ter griffie van de Rechtbank te 's-Gravenhage ingekomen verzoekschrift heeft verweerster in cassatie - verder te noemen: de moeder - zich gewend tot die Rechtbank en verzocht de door verzoeker tot cassatie - verder te noemen: de vader - voor de, uit het inmiddels door echtscheiding tussen partijen ontbonden huwelijk, op 11 december 1986 geboren minderjarige [dochter] te betalen bijdrage in de kosten van haar verzorging en opvoeding met ingang van 1 juli 2000 te bepalen op ƒ 350,-- per maand, althans op een zodanig bedrag en met zodanige datum van ingang als de Rechtbank juist acht.

De vader heeft het verzoek bestreden.

De Rechtbank heeft bij beschikking van 7 augustus 2001 het verzoek van de moeder toegewezen.

Tegen deze beschikking heeft de vader hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage.

Bij beschikking van 29 mei 2002 heeft het Hof de bestreden beschikking, voor zover aan zijn oordeel onderworpen, bekrachtigd.

De beschikking van het Hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het Hof heeft de vader beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De moeder heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal C.L. de Vries Lentsch-Kostense strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, P.C. Kop en F.B. Bakels, en in in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 25 april 2003.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »