Artikel 6:4:18 Wetboek van Strafvordering
Lid 1
Indien het openbaar ministerie overeenkomstig artikel 511c een schikking met de verdachte of veroordeelde aangaat, bepaalt het de termijn waarbinnen aan de termen van die schikking moet worden voldaan. Tot dat tijdstip is de termijn waarbinnen ingevolge artikel 511b, eerste lid, een vordering aanhangig moet zijn gemaakt geschorst. Door voldoening aan die termen vervalt het recht tot indiening van de vordering of is, indien die vordering reeds is ingediend, de zaak van rechtswege geëindigd.
Lid 2
Indien na voldoening aan die termen blijkt van omstandigheden die de toepasselijkheid van de maatregel, bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht, zouden hebben uitgesloten, kan de gewezen verdachte of veroordeelde het openbaar ministerie verzoeken om teruggave van betaalde geldbedragen of overgedragen voorwerpen.
Lid 3
Het verzoek, bedoeld in het tweede lid, kan niet meer worden gedaan nadat drie jaren zijn verstreken sedert de dag waarop het bedrag of het laatste gedeelte daarvan, is betaald.
Recente uitspraken
Art. 6:4:18 Sv is sinds 2021 in 16 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Noord-Holland, Rb. Den Haag en Rb. Noord-Nederland.
- ECLI:NL:GHAMS:2024:2975 — 25-10-2024 Hof Amsterdam
Megazaak Offside. Preliminaire verweren dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk is in de verdere vervolging. Verdediging en OM hebben onderhandeld over procesafspraken en over een schikking in de, in eerste aanleg aanhangige, ontnemingsprocedure. Advocaat-generaal heeft de… - ECLI:NL:RBDHA:2026:26467 — 11-09-2026 Rb. Den Haag
Declaratoir ontnemingsvonnis. Schikking. Zaak is van rechtswege geëindigd ingevolge artikel 6:4:18 Sv. - ECLI:NL:RBNHO:2026:12207 — 25-08-2026 Rb. Noord-Holland
Beëindiging ontneming van rechtswege. De rechtbank heeft vastgesteld dat de officier van justitie een schikking als bedoeld in artikel 511c Sv met de veroordeelde is aangegaan ter ontneming van het ingevolge artikel 36e Sr wederrechtelijk verkregen voordeel. - ECLI:NL:RBDHA:2026:22408 — 05-08-2026 Rb. Den Haag
Ontnemingsschikking. Zaak is van rechtswege geëindigd - ECLI:NL:RBOBR:2026:2692 — 30-04-2026 Rb. Oost-Brabant
In de ontnemingszaak van het onderzoek Cerise verstaat de rechtbank dat de ontnemingsprocedure van rechtswege is geëindigd. (art. 6:4:18 Sv) Er is sprake van een schikking ex artikel 511c Sv.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.