Artikel 51a Wetboek van Strafvordering
Lid 1
In deze titel wordt verstaan onder:
Slachtoffer:
degene die als rechtstreeks gevolg van een strafbaar feit vermogensschade of ander nadeel heeft ondervonden. Met het slachtoffer wordt gelijkgesteld de rechtspersoon die als rechtstreeks gevolg van een strafbaar feit vermogensschade of ander nadeel heeft ondervonden;
nabestaande: familieleden van een persoon wiens overlijden rechtstreeks veroorzaakt is door een strafbaar feit.
Familieleden: de echtgenoot, de geregistreerde partner dan wel een andere levensgezel van het slachtoffer, de bloedverwanten in rechte lijn de bloedverwanten in de zijlijn tot en met de vierde graad en de personen die van het slachtoffer afhankelijk zijn;
Minderjarig slachtoffer: elk slachtoffer dat jonger is dan achttien jaar;
Herstelrecht: het in staat stellen van het slachtoffer en de verdachte of de veroordeelde, indien zij er vrijwillig mee instemmen, actief deel te nemen aan een proces dat gericht is op het oplossen van de gevolgen van het strafbare feit, met de hulp van een onpartijdige derde.
Lid 2
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen in het belang van een goede procesorde regels worden gesteld betreffende:
het beperken van het aantal familieleden, dat aanspraak kan maken op de in deze titel opgenomen rechten, daarbij telkens rekening houdend met de specifieke omstandigheden, en
het bepalen welke nabestaanden voorrang krijgen bij de uitoefening van de in deze titel opgenomen rechten.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 51a Sv is sinds 1999 in 164 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Den Haag en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2025:498 — 01-04-2025 Hoge Raad
Poging tot doodslag (art. 287 Sr) mishandeling, meermalen gepleegd (art. 300.1 Sr) en mensenhandel, meermalen gepleegd (art. 273f.1.1, 273f.1.4 en 273f.1.6 Sr). 1. Bewijsklacht mensenhandel t.a.v. uitbuiting. Moet uit bewijsvoering blijken van daadwerkelijk geleden materieel… - ECLI:NL:HR:2024:1361 — 08-10-2024 Hoge Raad
Feitelijk leiding geven aan medeplegen oplichting begaan door rechtspersoon (meermalen gepleegd), art. 326.1 Sr. 1. Procesafspraken. Was hof gehouden zich aan te sluiten bij de tussen OM en verdediging gemaakte procesafspraken? 2. Vorderingen benadeelde partijen. Kon hof… - ECLI:NL:HR:2023:485 — 28-03-2023 Hoge Raad
Doodslag door ander met koksmes in borst te steken, art. 287 Sr. 1. Verwerping in hoger beroep van noodweer, noodweerexces en putatief noodweer na ontslag van alle rechtsvervolging in eerste aanleg i.v.m. noodweerexces. 2. Vordering benadeelde partij (kennis van slachtoffer en… - ECLI:NL:HR:2021:112 — 02-02-2021 Hoge Raad
Cassatie in het belang van de wet. Profijtontneming. Gevolgen van faillissement voor geldboete of ontnemingsmaatregel, wanneer faillissement wordt beëindigd door gehomologeerd akkoord tussen gefailleerde en zijn schuldeisers. 1. Vanaf welk moment kan OvJ o.g.v. art. 94d.3 Sv als… - ECLI:NL:HR:2019:793 — 28-05-2019 Hoge Raad
Overzichtsarrest vordering benadeelde partij, art. 51f.1, 361.2.b en 592a Sv, art. 36f Sr en art. 6:96 en 6:106 BW. Medeplegen hennepteelt in door verdachte gehuurde woning (art. 3.B Opiumwet), medeplegen diefstal elektriciteit d.m.v. verbreking in die woning (art. 311.1 Sr) en…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.