Artikel 126zs Wetboek van Strafvordering
Lid 1
In geval van aanwijzingen van een terroristisch misdrijf is de opsporingsambtenaar, bij bevel daartoe van de officier van justitie, bevoegd in het belang van het onderzoek personen aan de kleding te onderzoeken.
Lid 2
De opsporingsambtenaar is bij een dergelijk bevel voorts bevoegd gebruik te maken van detectieapparatuur of andere hulpmiddelen.
Lid 3
Artikel 126zq, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Lid 4
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze van uitvoering van het onderzoek, bedoeld in het eerste lid.
Recente uitspraken
Art. 126zs Sv is sinds 2026 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden en Hoge Raad.
- ECLI:NL:HR:2026:83 — 27-01-2026 Hoge Raad
Opzettelijk niet voldoen aan bevel of vordering, krachtens art. 126zs Sv gedaan door politieambtenaar, om mee te werken aan onderzoek aan kleding, art. 184.1 Sr. Is bevel of vordering ‘krachtens wettelijk voorschrift’ gedaan? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2008:BB4108… - ECLI:NL:GHARL:2026:5647 — 04-09-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
Terugwijzing Hoge Raad. Overtreding art. 126zs Sv bewezen. Verdachte is weggerend nadat de politie had gezegd dat verdachte gefouilleerd zou gaan worden.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.