Artikel 158 Provinciewet
Lid 1
Gedeputeerde staten zijn in ieder geval bevoegd:
het dagelijks bestuur van de provincie te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet provinciale staten of de commissaris van de Koning hiermee zijn belast;
beslissingen van provinciale staten voor te bereiden en uit te voeren, tenzij bij of krachtens de wet de commissaris hiermee is belast;
regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van de provincie, met uitzondering van de organisatie van de griffie;
tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van de provincie te besluiten;
te besluiten namens de provincie, provinciale staten of gedeputeerde staten rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij provinciale staten, voor zover het provinciale staten aangaat, in voorkomende gevallen anders beslissen.
toezicht te houden op waterstaatswerken, voor zover niet bij de wet het toezicht aan anderen is opgedragen of de waterstaatswerken in beheer zijn bij het Rijk;
ten aanzien van de voorbereiding van de civiele verdediging.
Lid 2
Gedeputeerde staten besluiten slechts tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat provinciale staten een ontwerp-besluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van gedeputeerde staten te brengen.
Lid 3
Gedeputeerde staten nemen, ook alvorens is besloten tot het voeren van een rechtsgeding, alle conservatoire maatregelen en doen wat nodig is ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 158 Provw is sinds 2001 in 6 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door CBb, Hof Amsterdam en Hof Arnhem-Leeuwarden.
- ECLI:NL:HR:2010:BL5420 — 25-06-2010 Hoge Raad
Onrechtmatige daad provincie. Bevoegdheidsverdeling Provinciewet. Gewekt vertrouwen door gedeputeerden dat provincie grote financiële bijdrage zou leveren aan redding Vitesse. Slechts onder bijzondere omstandigheden aansprakelijkheid provincie voor toezeggingen gedeputeerden.… - ECLI:NL:CBB:2001:AD8477 — 18-12-2001 CBb
- - ECLI:NL:GHAMS:2015:1212 — 07-04-2015 Hof Amsterdam
Omkoping gedeputeerde provincie Noord-Holland. Vervolging niet in strijd met beginselen van een behoorlijke procesorde. Gevangenisstraf 2,5 jaar voor omkoping, valsheid in geschrift en witwassen. - ECLI:NL:GHARL:2014:6886 — 09-09-2014 Hof Arnhem-Leeuwarden
Schadestaatprocedure. Onrechtmatige daad Provincie Gelderland jegens voetbalclub Vitesse en private financiers. Causaal verband tussen onrechtmatige daad Provincie en de gevorderde schade - ECLI:NL:RBONE:2013:BY8423 — 16-01-2013 Rb. Oost-Nederland
Op 16 januari 2013 heeft de rechtbank Oost-Nederland uitspraak gedaan in de zaak van Vitesse en anderen tegen de Provincie Gelderland. De zaak heeft een lange voorgeschiedenis, waarin de Hoge Raad heeft vastgesteld dat de provincie onrechtmatig heeft gehandeld door in 2001…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.