Artikel 65 Politiewet 2012
Lid 1
De Inspectie Justitie en Veiligheid, bedoeld in artikel 57 van de Wet veiligheidsregio’s, is met het oog op een goede taakuitvoering door de politie en de Politieacademie belast met:
het, onverminderd het gezag van de burgemeester en de officier van justitie, houden van toezicht op de taakuitvoering;
het houden van toezicht op de kwaliteitszorg door de politie;
het houden van toezicht op de kwaliteit van het politieonderwijs en de examinering;
het verrichten van onderzoek, indien daar in bijzondere gevallen reden toe is, naar ingrijpende gebeurtenissen waarbij de politie betrokken is, tenzij de Onderzoeksraad voor veiligheid, bedoeld in artikel 2 van de Rijkswet Onderzoeksraad voor veiligheid, naar het desbetreffende voorval een onderzoek instelt.
Lid 2
Onverminderd het beheer van Onze Minister van Defensie en onverminderd artikel 48, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000, is de Inspectie Justitie en Veiligheid met het oog op het onafhankelijk toezichtmechanisme bedoeld in artikel 2hh, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, belast met het houden van toezicht op de Koninklijke marechaussee met het oog op de uitvoering van de taken bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel f, voor zover deze taken betrekking hebben op de in artikel 2ff, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 bedoelde screening.
Lid 3
De inspectie voert haar werkzaamheden uit onder gezag van Onze Minister.
Lid 4
De korpschef, de directeur van de Politieacademie en de Commandant van de Koninklijke marechaussee verlenen de inspectie de door deze verlangde ondersteuning bij de uitvoering van de werkzaamheden in het kader van het eerste, onderscheidenlijk de werkzaamheden in het kader van het tweede lid.