Artikel 9 Penitentiaire beginselenwet

Lid 1

Inrichtingen zijn te onderscheiden in huizen van bewaring, gevangenissen en inrichtingen voor stelselmatige daders. Onze Minister kan een inrichting aanwijzen tot zowel huis van bewaring of gevangenis als inrichting voor stelselmatige daders. In bijzondere gevallen kan Onze Minister een inrichting aanwijzen tot zowel huis van bewaring als gevangenis.

Lid 2

Huizen van bewaring zijn bestemd voor de opneming van:

  1. personen ten aanzien van wie een bevel tot voorlopige hechtenis is gegeven en die in afwachting zijn van berechting in eerste aanleg;

  2. personen ten aanzien van wie een bevel tot voorlopige hechtenis is gegeven en aan wie de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging is opgelegd, maar die niet tevens tot een vrijheidsstraf zijn veroordeeld, dan wel aan wie de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders is opgelegd, voor zolang het opleggen van die maatregel niet onherroepelijk is;

  3. personen ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf plaatsvindt en die in afwachting zijn van plaatsing in een gevangenis of deelname aan een penitentiair programma;

  4. personen in vreemdelingenbewaring;

  5. gegijzelden;

  6. ter beschikking gestelden ten aanzien van wie een bevel tot verpleging van overheidswege als bedoeld in artikel 37b van het Wetboek van Strafrecht of artikel 6:6:10, eerste lid, onder e, van het Wetboek van Strafvordering is gegeven voor zolang opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk is;

  7. personen aan wie de maatregel is opgelegd tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders als bedoeld in artikel 38m van het Wetboek van Strafrecht indien opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk is;

  8. alle anderen aan wie krachtens rechterlijke uitspraak of beschikking of door het openbaar gezag rechtens hun vrijheid is ontnomen, voor zover geen andere plaats voor hen is bestemd of voor zolang opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk is.

Lid 3

Onze Minister wijst in elk arrondissement ten minste één inrichting of afdeling aan als huis van bewaring.

Recente uitspraken

Art. 9 Pbw is sinds 2004 in 17 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, CRvB en Hof Amsterdam.

  • ECLI:NL:HR:2024:1729 — 26-11-2024 Hoge Raad
    Cassatie in het belang van de wet. Overtreding van voorwaarden bij dadelijk uitvoerbaar verklaarde TBS met voorwaarden, terwijl uitspraak waarbij die is opgelegd nog niet onherroepelijk is. 1. Heeft (executie)rechter (terwijl sprake is van niet onherroepelijk opgelegde, dadelijk…
  • ECLI:NL:CRVB:2004:AP4680 — 18-06-2004 CRvB
    WAO-besluiten genomen met toepassing van de Wet socialezekerheidsrechten gedetineerden. Intrekking en weigering WAO-uitkering vanwege gevangenisstraf, TBS met dwangverpleging, voorlopige hechtenis.
  • ECLI:NL:GHAMS:2023:727 — 14-03-2023 Hof Amsterdam
    Ambtshalve beschikking van het gerechtshof tot het verlenen van een zorgmachtiging. (artikel 2.3, eerste lid, Wet forensische zorg (Wfz) juncto artikel 6:5, aanhef en onderdeel a, Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz)).
  • ECLI:NL:RBAMS:2026:9300 — 07-08-2026 Rb. Amsterdam
    opzettelijke brandstichting. Verdachte volledig ontoerekeningsvatbaasr. Ontslag van alle rechtsvervolging.
  • ECLI:NL:RBOBR:2026:4029 — 10-04-2026 Rb. Oost-Brabant
    Verzoek om een zorgmachtiging - opnemen in een accommodatie, waaronder opname in een instelling als bedoeld in artikel 3:1, eerste lid, of artikel 3:3, eerste lid, van de Wet forensische zorg (Wfz) – verblijf in PPC ter overbrugging – de overbruggingsperiode moet zo kort…

Bekijk alle 17 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.