Artikel 203 Faillissementswet
Schuldeisers, die na de faillietverklaring hun vordering geheel of gedeeltelijk afzonderlijk verhaald hebben op in het buitenland zich bevindende, aan hen niet bij voorrang verbonden, goederen van de in Nederland gefailleerde schuldenaar, zijn verplicht het aldus verhaalde aan de boedel te vergoeden.
Recente uitspraken
Art. 203 Fw is sinds 2002 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hoge Raad en Rb. Rotterdam.
- ECLI:NL:HR:2014:1630 — 11-07-2014 Hoge Raad
Faillissementsrecht. Art. 203 Fw. Schuldeiser verhaalt zich na faillietverklaring op buitenlands vermogen op basis van voor faillietverklaring in New York verkregen beslagverlof. Voorrang? Kan voorrangspositie naar inhoud en strekking worden gelijkgesteld met een Nederlands… - ECLI:NL:GHAMS:2002:AE9591 — 11-04-2002 Hof Amsterdam
Buitenland-vermogen; internationaal. Door het ontbreken van de schakelbepaling naar de artikelen 203-205 Fw, kan de executie van vermogen in het buitenland doorgaan. - ECLI:NL:RBROT:2011:BR7067 — 17-08-2011 Rb. Rotterdam
Art. 203 Fw. Doel van de Faillissementswet is verhaal op gehele vermogen van schuldenaar. Dat doel brengt mee dat curator ook vermogensdelen die zich niet in Nederland bevinden onder zijn bereik en beheer behoort te krijgen, behoudens in zoverre de rechtsorde van betreffende…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.