Art. 7:52 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Lid 1

Deze titel is van toepassing op financiëlezekerheidsovereenkomsten waarbij ten minste een van de partijen is:

  1. een overheidsinstantie, met inbegrip van:

    1. instellingen behorend tot de overheidssector van de lidstaten van de Europese Unie die belast zijn met of een rol spelen bij het beheer van de overheidsschuld en;

    2. instellingen behorend tot de overheidssector van de lidstaten van de Europese Unie die zijn gemachtigd om voor klanten rekeningen aan te houden.

  2. een centrale bank, de Europese Centrale Bank, de Bank voor Internationale Betalingen, een multilaterale ontwikkelingsbank, het Internationaal Monetair Fonds en de Europese Investeringsbank.

  3. een financiële onderneming onder financieel toezicht, met inbegrip van een bank, beheerder, beleggingsinstelling, beleggingsonderneming, financiële instelling, levensverzekeraar of schadeverzekeraar als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht.

  4. een centrale tegenpartij, een afwikkelende instantie of een verrekeningsinstituut als bedoeld in artikel 212a, onderdeel c, d en e, van de Faillissementswet, inclusief onder het nationale recht van de lidstaten van de Europese Unie vallende gereglementeerde instellingen die actief zijn op de markten voor rechten op overdracht op termijn van goederen, opties en derivaten, en een andere dan een natuurlijke persoon die optreedt als trustee of in een vertegenwoordigende hoedanigheid namens een of meer personen waaronder enigerlei obligatiehouders of houders van andere schuldinstrumenten of enige instelling als omschreven in onderdeel a, b, c of dit onderdeel.

Lid 2

Deze titel is niet van toepassing indien een van de partijen bij een financiëlezekerheidsovereenkomst een natuurlijke persoon is die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf.

Recente uitspraken

Art. 7:52 BW is sinds 2012 in 1 uitspraak op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Leeuwarden.

  • ECLI:NL:GHLEE:2012:BV0734 — 10-01-2012 Hof Leeuwarden
    Vraag of de curatoren van de huurder ná opzegging ex art39 Fw, gelet op HR 14/1/2011, NJ 2011,114, door de verhuurder ten onrechte op grond van de bankgarantie geclaimde 'leegstandsschade' kunnen terugvorderen en op welke grondslag? Bevestigende beantwoording door eht hof op…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.