Art. 7:131 Burgerlijk Wetboek Boek 7

In deze titel wordt verstaan onder

  1. pandhuis: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf pandbeleningen aanbiedt;

  2. beleentermijn: de in de overeenkomst van pandbelening overeengekomen termijn waarbinnen de pandbelener de hem ter beschikking gestelde geldsom moet terugbetalen en de pandbeleningsvergoeding moet voldoen, voordat het pandhuis verplicht is de zaak aan de pandbelener terug te geven;

  3. pandbeleningsvergoeding: alle beloningen en vergoedingen in welke vorm dan ook die het pandhuis in het kader van de overeenkomst van pandbelening in rekening brengt of ontvangt;

  4. maand: kalendermaand dan wel de periode tussen een dag van een kalendermaand en het einde van de overeenkomstige dag van de volgende kalendermaand.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 7:131 BW is sinds 2016 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:RBROT:2016:5973 — 29-07-2016 Rb. Rotterdam
    Eerste aanleg civiel inhoudsindicatie: Pandbelening auto. Niet voldaan aan precontractuele waarschuwingsplicht. Berekening pandbeleningsvergoeding als maandrente ontbreekt. Pandbeleningsvergoeding overschrijdt wettelijk maximum van 4,5% per maand. Pandbelener heeft tijdig om…
  • ECLI:NL:RBROT:2016:569 — 28-01-2016 Rb. Rotterdam
    ACM geeft een bindende aanwijzing aan gemeentelijke pandhuizen, omdat die zouden handelen in strijd met artikel 7:140 BW. Naar het oordeel van de rechtbank heeft ACM niet aangetoond dat de gemeentelijke pandhuizen bij het opnieuw belenen van een pand, (vlak) voor het einde van…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.