Art. 2:291 Burgerlijk Wetboek Boek 2

Lid 1

Behoudens beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de stichting.

Lid 2

Slechts indien dit uit de statuten voortvloeit, is het bestuur bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. De statuten kunnen deze bevoegdheid aan beperkingen en voorwaarden binden. De uitsluiting, beperkingen en voorwaarden gelden mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de stichting ter zake van deze handelingen, tenzij de statuten anders bepalen.

Lid 3

Bij de vervulling van hun taak richten de bestuurders zich naar het belang van de stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie.

Lid 4

De statuten kunnen bepalen dat een met name of in functie aangeduide bestuurder meer dan één stem wordt toegekend. Een bestuurder kan niet meer stemmen uitbrengen dan de andere bestuurders tezamen.

Lid 5

De statuten bevatten voorschriften omtrent de wijze waarop in de uitoefening van de taken en bevoegdheden voorlopig wordt voorzien in geval van ontstentenis of belet van alle bestuurders. De statuten kunnen deze voorschriften bevatten voor het geval van ontstentenis of belet van een of meer bestuurders. In de statuten kan nader worden bepaald wanneer sprake is van belet. Degene die bij ontstentenis of belet van bestuurders ingevolge een statutaire regeling is aangewezen tot het verrichten van bestuursdaden, wordt voor wat deze bestuursdaden betreft met een bestuurder gelijkgesteld.

Lid 6

Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang bedoeld in lid 3. Wanneer hierdoor geen bestuursbesluit kan worden genomen, wordt het besluit genomen door de raad van commissarissen. Bij ontbreken van een raad van commissarissen, wordt het besluit genomen door het bestuur onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen, tenzij de statuten anders bepalen.

Lid 7

De statuten kunnen bepalen dat aan bestuurders een bezoldiging wordt toegekend.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 2:291 BW is sinds 2006 in 38 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Den Haag.

  • ECLI:NL:GHARL:2026:4748 — 21-07-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Verzoek toestemming om liquidatiesaldo evenredig te verdelen over de huidige leden van de enige nog bij de stichting aangesloten vereniging wordt afgewezen. Uitkering is in strijd met de statutaire doelstelling (art. 2:285 lid 1 BW) en het uitkeringsverbod (art. 2:285 lid 3 BW).
  • ECLI:NL:GHSHE:2024:4125 — 19-12-2024 Hof 's-Hertogenbosch
    Voor een geslaagd beroep op artikel 2:298 BW mag niet worden volstaan met het aanvoeren van de enkele mogelijkheid van schending van een minderheidspositie of van een tegenstrijdig belang, zonder dat dit beroep wordt geconcretiseerd / afwijzing verzoek tot ontslag bestuurder /…
  • ECLI:NL:GHDHA:2023:2684 — 19-12-2023 Hof Den Haag
    Ontslag bestuurders stichting. 2:298 BW
  • ECLI:NL:GHAMS:2023:3354 — 21-11-2023 Hof Amsterdam
    De kantonrechter heeft, na verwerping van een door appellante gedaan beroep op niet-ontvankelijkheid van de Stichting, geoordeeld dat appellante na haar aftreden als bestuurslid onrechtmatig jegens de Stichting heeft gehandeld door een aan de Stichting toebehorend bedrag van €…
  • ECLI:NL:GHSHE:2023:634 — 23-02-2023 Hof 's-Hertogenbosch
    Art. 2:298 BW / art. 2:291 BW (met ingang van 1 juli 2021) / er is onvoldoende grond om tot ontslag van verweerders over te gaan / bekrachtiging van de beschikking waarvan beroep.

Bekijk alle 38 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.