Art. 2:228 Burgerlijk Wetboek Boek 2
Lid 1
Slechts aandeelhouders hebben stemrecht. Iedere aandeelhouder heeft ten minste één stem. De statuten kunnen bepalen dat een aandeelhouder niet gerechtigd is tot uitoefening van het stemrecht zolang hij in gebreke is te voldoen aan een wettelijke of statutaire verplichting.
Lid 2
Indien het kapitaal in aandelen van een zelfde bedrag is verdeeld, brengt iedere aandeelhouder zoveel stemmen uit als hij aandelen heeft.
Lid 3
Indien het kapitaal in aandelen van verschillend bedrag is verdeeld, is het aantal stemmen van iedere aandeelhouder gelijk aan het aantal malen, dat het bedrag van het kleinste aandeel is begrepen in het gezamenlijk bedrag van zijn aandelen; gedeelten van stemmen worden verwaarloosd.
Lid 4
Van de leden 2 en 3 kan bij de statuten worden afgeweken. Een dergelijke statutaire regeling geldt voor alle besluiten van de algemene vergadering. Een besluit tot statutenwijziging dat een wijziging in het stemrecht betreft, kan slechts worden genomen met algemene stemmen in een vergadering waarin het gehele geplaatste kapitaal is vertegenwoordigd.
Lid 5
In afwijking van de leden 1 tot en met 4 kunnen de statuten bepalen dat aan aandelen geen stemrecht in de algemene vergadering is verbonden. Een dergelijke regeling kan slechts worden getroffen ten aanzien van alle aandelen van een bepaalde soort of aanduiding waarvan alle aandeelhouders instemmen of waarvan voor de uitgifte in de statuten is bepaald dat daaraan geen stemrecht in de algemene vergadering is verbonden. De aandelen worden in de statuten als stemrechtloos aangeduid. Ten aanzien van stemrechtloze aandelen kan niet op grond van artikel 216 lid 7 worden bepaald dat zij geen recht geven tot deling in de winst of de reserves van de vennootschap.
Lid 6
Voor een aandeel dat toebehoort aan de vennootschap of aan een dochtermaatschappij daarvan kan in de algemene vergadering geen stem worden uitgebracht; evenmin voor een aandeel waarvan een hunner de certificaten houdt. Vruchtgebruikers en pandhouders van aandelen die aan de vennootschap en haar dochtermaatschappijen toebehoren, zijn evenwel niet van hun stemrecht uitgesloten, indien het vruchtgebruik of pandrecht was gevestigd voordat het aandeel aan de vennootschap of een dochtermaatschappij daarvan toebehoorde. De vennootschap of een dochtermaatschappij daarvan kan geen stem uitbrengen voor een aandeel waarop zij een recht van vruchtgebruik of een pandrecht heeft.
Recente uitspraken
Art. 2:228 BW is sinds 2007 in 12 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Rb. Amsterdam en Rb. Gelderland.
- ECLI:NL:HR:2017:568 — 31-03-2017 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementspauliana m.b.t. aandelenoverdracht. Had curator stemrecht op de aandelen (art. 2:228 BW)? Zijn als gevolg van vernietiging de aandelen in de boedel gevallen of was daartoe een leveringsakte vereist? Heeft curator als gevolg van vernietiging als… - ECLI:NL:GHAMS:2024:1789 — 11-06-2024 Hof Amsterdam
OK; uitkoop 2:359c BW; toewijzing - ECLI:NL:GHAMS:2019:3663 — 17-09-2019 Hof Amsterdam
OK; uitkoop; bevoegdheid Ondernemingskamer bij in buitenland gevestigde gedaagden; 2:359c BW - ECLI:NL:GHAMS:2015:2914 — 14-07-2015 Hof Amsterdam
OK; uitkoop na openbaar bod; eiseressen houden voor eigen rekening ten minste 95% van het geplaatste kapitaal; pandrechten staan er niet aan in de weg staat dat eiser de stemrechten op de door haar gehouden aandelen kan uitoefenen; eiser heeft ten minste 90% van de aandelen… - ECLI:NL:GHSHE:2014:5207 — 11-12-2014 Hof 's-Hertogenbosch
Ontbinden vennootschap en benoeming vereffenaar in AVA 1 door curator van meerderheidsaandeelhouder/Oproep AVA 1 door curator van meerderheidsaandeelhouder als bestuurder vennootschap/ Eigen aangifte faillissement door vereffenaar, die tot curator wordt benoemd/Betwisting…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.