Artikel 30a Algemene wet inzake rijksbelastingen

Vervallen

Recente uitspraken

Art. 30a AWR is sinds 1996 in 7 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hoge Raad en Rb. Breda.

  • ECLI:NL:HR:1996:AA1804 — 09-08-1996 Hoge Raad
    -
  • ECLI:NL:HR:1996:AA1803 — 19-06-1996 Hoge Raad
    -
  • ECLI:NL:GHAMS:2018:4922 — 13-11-2018 Hof Amsterdam
    Bij het in rekening brengen van belasting- en heffingsrente staat uitsluitend de relatie tussen de belastingplichtige en de Belastingdienst centraal.
  • ECLI:NL:GHSHE:2013:6109 — 19-12-2013 Hof 's-Hertogenbosch
    De Inspecteur mag zowel voor de belastingheffing als voor de verhogingen gebruik maken van de door belanghebbende overgelegde bankstukken. Er is geen sprake van schending van het nemo tentur-beginsel. De Inspecteur heeft aannemelijk gemaakt dat hij voldoende voortvarend heeft…
  • ECLI:NL:GHAMS:2012:BV7445 — 01-03-2012 Hof Amsterdam
    Toepassing meerderheidsregel bij vermakelijkheidsretributie te water van de gemeente Amsterdam.

Bekijk alle 7 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.