Artikel 26a Algemene wet inzake rijksbelastingen
Lid 1
In afwijking van artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan het beroep slechts worden ingesteld door:
de belanghebbende aan wie de belastingaanslag is opgelegd;
de belanghebbende die de belasting op aangifte heeft voldaan of afgedragen of van wie de belasting is ingehouden;
degene tot wie de voor bezwaar vatbare beschikking zich richt;
de laatste bestuurder, aandeelhouder of vereffenaar in geval van een belastingaanslag die is vastgesteld met toepassing van artikel 8, tweede lid, van de Invorderingswet 1990 aan een belastingschuldige die is opgehouden te bestaan of waarvan vermoed wordt dat deze is opgehouden te bestaan.
Lid 2
Het beroep kan mede worden ingesteld door degene van wie inkomens- of vermogensbestanddelen zijn begrepen in het voorwerp van de belasting waarop de belastingaanslag of de voor bezwaar vatbare beschikking betrekking heeft.
Lid 3
De inspecteur stelt de in het eerste of het tweede lid bedoelde belanghebbende desgevraagd op de hoogte van de gegevens met betrekking tot de belastingaanslag of de beschikking voorzover deze gegevens voor het instellen van beroep of het maken van bezwaar redelijkerwijs van belang kunnen worden geacht.
Dit artikel verwijst naar:
Recente uitspraken
Art. 26a AWR is sinds 2000 in 130 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Den Haag, Hof Amsterdam en Hof 's-Hertogenbosch.
- ECLI:NL:HR:2025:1801 — 28-11-2025 Hoge Raad
art. 26a(2) AWR, art. 27h, lid 1, AWR, het belanghebbende-begrip, art. 6:13 Awb. - ECLI:NL:HR:2023:543 — 21-04-2023 Hoge Raad
Formeel belastingrecht. Bevoegdheid belastingrechter, ontbonden rechtspersoon naar Curaçaos recht, informatiebeschikking, artikel 47 en 52a AWR, bekendmaking. - ECLI:NL:HR:2021:1660 — 05-11-2021 Hoge Raad
Schadevergoeding; art. 8:73 Awb; immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn; geen vergoeding bij ontbreken van belang bij aanwending rechtsmiddel. - ECLI:NL:HR:2021:664 — 23-04-2021 Hoge Raad
HR verklaart het beroep in cassatie n-o. - ECLI:NL:HR:2020:1531 — 02-10-2020 Hoge Raad
Beroep ingesteld namens erfgenamen; niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een machtiging. Kosten verklaring van erfrecht prohibitief? Tegemoetkoming mogelijk op grond van art. 56, lid 2, letter c, Wet op het Notarisambt
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.