Artikel 10 Algemene wet inzake rijksbelastingen
Lid 1
Met betrekking tot belastingen welke ingevolge de belastingwet op aangifte moeten worden voldaan of afgedragen, wordt de aangifte gedaan bij de inspecteur of de ontvanger die is vermeld in de uitnodiging tot het doen van aangifte.
Lid 2
Heeft de aangifte betrekking op een tijdvak, dan wordt zij gedaan binnen een door de inspecteur gestelde termijn van ten minste een maand na het einde van het tijdvak. Heeft de aangifte niet betrekking op een tijdvak, dan wordt zij gedaan binnen een door de inspecteur gestelde termijn van ten minste een maand.
Lid 3
De inspecteur kan onder door hem te stellen voorwaarden uitstel van het doen van aangifte verlenen.
Recente uitspraken
Art. 10 AWR is sinds 2003 in 27 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hoge Raad en Rb. Zeeland-West-Brabant.
- ECLI:NL:HR:2025:1958 — 19-12-2025 Hoge Raad
Omzetbelasting; artt. 167, 168, 206, en 250 van BTW-richtlijn 2006; art. 15 Wet OB 1968; art. 25, lid 3, en art. 27, letter e, 1º, AWR; recht op aftrek omzetbelasting; geen aangifte gedaan; verzwaring van de bewijslast dat aan voorwaarden voor het uitoefenen van het recht op… - ECLI:NL:HR:2022:1172 — 09-09-2022 Hoge Raad
Motorrijtuigenbelasting; procesrecht; art. 26 AWR; artt. 14, 17 en 23, leden 4 en 5, Wet Mrb 1994; rekening fijnstoftoeslag voor dieselauto; niet-betaling fijnstoftoeslag en maken van bezwaar; ontvankelijkheid bezwaar. - ECLI:NL:HR:2013:30 — 12-07-2013 Hoge Raad
Art. 2, lid 5, Wet LB 1964. Nederland is niet gehouden eenzijdig terug te treden indien dubbele heffing optreedt door afwijkende uitleg van een belastingverdrag in het andere land. Belgische aanvullende gemeentebelasting is niet een heffing door of vanwege een andere mogendheid.… - ECLI:NL:HR:2003:AL6161 — 23-12-2003 Hoge Raad
Gelet op het bepaalde in art. 53 lid 1 Wet op de accijns jo art. 8 lid 1 en art. 10 lid 1 AWR ontstaat de verplichting tot het doen van aangifte niet als gevolg van een uit de heffingswet voortvloeiende belastingschuld, maar door de uitreiking ex art. 6 lid 1 AWR van een… - ECLI:NL:GHDHA:2024:2086 — 14-08-2024 Hof Den Haag
Art. 3, lid 2, Uitv. reg. Awr: Verzoek om aftrek voorbelasting in verband met kantoorruimte in nieuw gebouwde woning. Bezwaarschrift had niet-ontvankelijk moeten worden verklaard wegens te laat ingediend verzoek om uitnodiging aangiftebiljet in verband met teruggaaf van…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.