Artikel 9:10 Algemene wet bestuursrecht
Lid 1
Het bestuursorgaan stelt de klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft, in de gelegenheid te worden gehoord.
Lid 2
Van het horen van de klager kan worden afgezien indien:
de klacht kennelijk ongegrond is,
de klager heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord, of
de klager niet binnen een door het bestuursorgaan gestelde redelijke termijn verklaart dat hij gebruik wil maken van het recht te worden gehoord.
Lid 3
Van het horen wordt een verslag gemaakt.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 9:10 Awb is sinds 2018 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad en Rb. Rotterdam.
- ECLI:NL:HR:2018:2197 — 30-11-2018 Hoge Raad
Externe klachtprocedure (art. 13a RO). Klacht van advocaat tegen president rechtbank en gerechtsbestuur, in verband met doen van melding aan deken over gedraging advocaat. Bevoegdheid Hoge Raad. Is het doen van die melding een gedraging van een rechter in de uitoefening van zijn… - ECLI:NL:RBROT:2026:10932 — 21-08-2026 Rb. Rotterdam
Vordering tot aanhouden strafrechtelijke procedure bij kortgedingrechter door verdachte en advocaat in verband met gewijzigde verhinderdata. Eisers niet-ontvankelijk verklaard.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.