Artikel 3:23 Algemene wet bestuursrecht
Lid 1
De besluiten worden zoveel mogelijk gelijktijdig aangevraagd bij het coördinerend bestuursorgaan, met dien verstande dat de laatste aanvraag niet later wordt ingediend dan zes weken na ontvangst van de eerste aanvraag. Het coördinerend bestuursorgaan kan bepalen dat voor het indienen van de aanvragen een andere termijn geldt.
Lid 2
Het coördinerend bestuursorgaan zendt terstond na ontvangst van de aanvragen een afschrift daarvan aan de bevoegde bestuursorganen.
Lid 3
Indien een aanvraag later dan de termijn, bedoeld in het eerste lid, wordt ingediend, wordt die aanvraag niet betrokken bij de gecoördineerde voorbereiding van de andere besluiten, tenzij het coördinerend bestuursorgaan anders bepaalt.
Lid 4
Bij wettelijk voorschrift kan worden bepaald dat de aanvraag om een besluit niet wordt behandeld indien niet tevens de aanvraag om een ander besluit is ingediend.
Lid 5
Het coördinerend bestuursorgaan is mede bevoegd tot het indienen van een aanvraag bij het bevoegde bestuursorgaan, indien het besluit waarop de aanvraag betrekking heeft, strekt tot uitvoering van een besluit dat door het coördinerend bestuursorgaan is genomen. De aanvraag kan mede namens een van de andere betrokken bestuursorganen worden ingediend.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 3:23 Awb is sinds 2003 in 1 uitspraak op wetboek.org gekoppeld, met name door Raad van State.
- ECLI:NL:RVS:2003:AO0804 — 24-12-2003 Raad van State
Bij besluit van 10 december 2002, kenmerk nr. 121/01, heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan [vergunninghouder] een revisievergunning verleend als geregeld in artikel 8.4, eerste lid, van deze wet voor een inrichting voor het ontmantelen van elektromotoren. De…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.