Artikel 43c Auteurswet

Lid 1

De verplichting tot betaling van de vergoeding, bedoeld in artikel 43a, eerste lid, rust op de bij de verkoop betrokken professionele kunsthandelaar. Indien meer dan één professionele kunsthandelaar bij een verkoop is betrokken, zijn zij hoofdelijk voor deze vergoeding aansprakelijk.

Lid 2

Een rechtsvordering tot betaling van de vergoeding bedoeld in artikel 43a, eerste lid, verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de rechthebbende zowel met de opeisbaarheid van de vergoeding als met de tot de betaling van de vergoeding verplichte persoon bekend is geworden, en in ieder geval door verloop van twintig jaren na het tijdtip waarop de vergoeding opeisbaar is geworden.

Dit artikel verwijst naar:

Recente uitspraken

Art. 43c Aw is sinds 2014 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam en Rb. Gelderland.

  • ECLI:NL:RBAMS:2020:35 — 07-01-2020 Rb. Amsterdam
    Een inmiddels gesloten Amsterdamse kunsthandel moet ruim 15.500 euro betalen aan auteursrechtenstichting Pictoright voor volgrechtvergoedingen.
  • ECLI:NL:RBGEL:2014:1037 — 05-02-2014 Rb. Gelderland
    In deze zaak staat het zogenaamde volgrecht centraal. Het volgrecht is het recht van de maker en van zijn rechtverkrijgenden krachtens erfopvolging om bij iedere verkoop van een origineel van een kunstwerk waarbij een professionele kunsthandelaar is betrokken, met uitzondering…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.