ECLI:NL:RBZWB:2025:7029

Datum uitspraak
15-10-2025
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Zaaknummer
11544736 \ CV EXPL 25-807
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

herstelvonnis kennelijke fout

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Tilburg

Zaaknummer: 11544736 \ CV EXPL 25-807

Herstelvonnis van 15 oktober 2025

in de zaak van

COUNTUS ACCOUNTANTS + ADVISEURS B.V.,

statutair gevestigd in Zwolle,

eisende partij,

hierna te noemen: Countus B.V.,

gemachtigde: Florijn Incasso B.V. (Concessum),

tegen

IBRIGHT B.V.,

statutair gevestigd en kantoorhoudende in Waalwijk,

gedaagde partij,

hierna te noemen: iBright B.V.,

procederend in persoon, de heer [naam] ,

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het vonnis van 13 augustus 2025

- het bericht van de gemachtigde van Countus B.V.

- de brief van de griffier 8 september 2025

2 Het geschil en de beoordeling

2.1.

De gemachtigde van Countus B.V. heeft in een brief van 4 september 2025 verzocht om herstel van het vonnis van 13 augustus 2025. Hij heeft daarbij - samengevat - het volgende aangevoerd. In de beoordeling heeft de kantonrechter geoordeeld en vastgesteld dat iBright gehouden is tot betaling van de hoofdsom van € 4.643,23 (inclusief btw), de wettelijke handelsrente over de hoofdsommen, de buitengerechtelijke kosten van € 696,48 en de proceskosten van € 1.478,35. In het dictum worden echter alleen de hoofdsom, rente en een bedrag van € 696,48 aan proceskosten toegewezen. Uit de formulering blijkt dat dit bedrag van € 696,48 ziet op de buitengerechtelijke incassokosten en dat de overige proceskosten niet in het dictum worden vermeld. Daarbij verzoekt hij dit als kennelijke verschrijving te herstellen.

2.2.

De griffier heeft met een brief van 8 september 2025 de wederpartij in de gelegenheid gesteld zich over het verzoek uit te laten.

2.3.

De wederpartij heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.

2.4.

De kantonrechter is van oordeel dat er sprake is van een kennelijke fout, die zich leent voor eenvoudig herstel zoals bedoeld in artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Daarbij heeft de kantonrechter het volgende overwogen.

In de beoordeling onder rechtsoverweging 5.11 wordt een bedrag van € 696,48 aan buitengerechtelijke kosten toegewezen. Onder rechtsoverweging 5.12 wordt geoordeeld dat iBright een bedrag van € 1.478,35 aan proceskosten moet betalen. In de beslissing is bij 6.2 aangegeven dat de kantonrechter iBright veroordeelt in de proceskosten van € 696,48. Het bedrag van € 1.478,35 is niet opgenomen in de beslissing.

Op grond hiervan blijkt dat de kantonrechter in de beslissing ten onrechte een bedrag van € 696,48 heeft toegewezen als proceskosten. Dit bedrag zag op de buitengerechtelijke incassokosten. Daarnaast had aan proceskosten een bedrag van € 1.478,35 in de beslissing moeten worden opgenomen.

2.5.

De kantonrechter beslist als volgt.

3 De beslissing

De kantonrechter

volhardt bij de inhoud van het tussen partijen op 13 augustus 2025 gewezen vonnis met bovenvermeld zaaknummer, met dien verstande dat de in de beslissing opgenomen veroordeling als volgt dient te luiden:

3.1.

veroordeelt iBright B.V. om aan Countus te betalen een bedrag van € 4.643,23, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag, vanaf de respectieve vervaldata van de onderliggende facturen, tot de dag van volledige betaling,

3.2.

veroordeelt iBright B.V. om aan Countus te betalen een bedrag van € 696,48 aan buitengerechtelijke incassokosten,

3.3.

veroordeelt iBright B.V. in de proceskosten van € 1.478,35, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als iBright B.V. niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

3.4.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.5.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. Dijkman en in het openbaar uitgesproken op 15 oktober 2025.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »