ECLI:NL:RBZWB:2025:4111

Datum uitspraak
14-05-2025
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rechtsgebied
Strafrecht
Zaaknummer
11346067 - MB VERZ 24-835
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

beroep tegen verkeersboete, gedraging staat niet vast, gegrond

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht

Zittingsplaats Middelburg

zaaknummer : 11346067 \ MB VERZ 24-835

CJIB-nummer : 3062 5422 5305 6714

uitspraakdatum : 14 mei 2025

proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)

in de zaak van

naam : [betrokkene]

adres : [adres]

woonplaats : [woonplaats]

hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 14 mei 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.S. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: 4 km per uur harder rijden dan mag op een (auto)weg buiten de bebouwde kom op de N59 Rijksweg te Oosterland op 9 oktober 2022 om 19.52 uur.

Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat het voertuig was verhuurd ten tijde van de verweten gedraging. Een kopie van het contract en het ID-bewijs van de huurder zijn meegezonden met het beroepschrift.

De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht de zekerheid op nihil te stellen en het beroep gegrond te verklaren.

Overwegingen

Zekerheidstelling

Op grond van artikel 11 Wahv moet de indiener van een beroepschrift eerst een bedrag aan zekerheidstelling betalen voordat het beroep in behandeling kan worden genomen. Betrokkene heeft deze zekerheidstelling van € 35,- niet betaald.

Betrokkene heeft aangevoerd de zekerheid niet te betalen. De kantonrechter geeft betrokkene op dit punt het voordeel van de twijfel. De te betalen zekerheid wordt daarom op nihil gesteld.

Inhoudelijk

De kantonrechter is van oordeel dat is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Betrokkene heeft als kentekenhouder echter aannemelijk gemaakt, door het toezenden van het huurcontract, dat het voertuig ten tijde van de gedraging was verhuurd en betrokkene aanspraak kan maken op ontheffing van zijn aansprakelijkheid als kentekenhouder op grond van artikel 8 Wahv.

Dit betekent dat de boete ten onrechte aan betrokkene is opgelegd.

Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.

Beslissing

De kantonrechter:

‒ verklaart het beroep gegrond;

‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2025.

Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.

Datum verzending:

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »