ECLI:NL:RBROT:2026:7187

Datum uitspraak
20-05-2026
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Rechtsgebied
Civiel recht; Insolventierecht
Zaaknummer
NL:TZ:2610850:R-RK - NL:TZ:2610919:R-RK
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Moratorium afgewezen omdat er al eerder een moratorium voor 6 maanden is afgegeven

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK Rotterdam

Team Insolventie

Zittingsplaats Rotterdam

Rekestnummers: [nummer 1] - [nummer 2]

Uitspraak van 20 mei 2026

In de zaak van

[naam 1] ,

wonende te [adres] ,

verzoekster.

1 De procedure

Verzoekster heeft op 29 april 2026, met een verzoekschrift ex artikel 284 Faillissementswet (Fw), een verzoekschrift ex artikel 287b, eerste lid, Fw ingediend, waarin wordt gevraagd om een voorlopige voorziening bij voorraad.

In het vonnis van deze rechtbank van 30 april 2026 heeft de rechtbank de behandeling van het verzoekschrift bepaald op 13 mei 2026.

Ter zitting van 13 mei 2026 zijn verschenen en gehoord:

  • verzoekster;

  • mevrouw [naam 2], schuldhulpverlener;

  • mevrouw [naam 3], schuldhulpverlener;

  • de heer [naam 4], namens de verhuurder, Stichting Woonstad Rotterdam (hierna: verweerster).

De rechtbank heeft de uitspraak bepaald op heden.

2 Het verzoek

Het verzoek strekt ertoe op grond van artikel 287b, eerste lid, Fw, gedurende een termijn van zes maanden bij uitspraak een voorlopige voorziening te treffen en Stichting Woonstad Rotterdam te verbieden het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 21 april 2022 tot ontruiming van de woonruimte van verzoekster ten uitvoer te leggen.

3 Het verweer

Verweerster voert aan dat verzoekster sinds 2011 betalingsachterstanden heeft laten ontstaan. Verweerster stelt dat verzoekster voldoende kansen heeft gekregen om tot een oplossing voor haar schuldenproblematiek te komen, maar dat zij herhaaldelijk onvoldoende heeft meegewerkt aan het schuldhulpverleningstraject en het beschermingsbewind. Hierdoor is de grens voor verweerster bereikt en verzoekt zij het verzoek af te wijzen.

4 De beoordeling

Vast is komen te staan dat verzoekster eerder een verzoekschrift ex artikel 284 Fw, met een verzoekschrift ex artikel 287b, eerste lid, Fw heeft ingediend, waarin wordt gevraagd om een voorlopige voorziening bij voorraad (‘moratorium’). Op 27 oktober 2025 is dit verzoek voor de duur van zes maanden toegewezen. Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling is in datzelfde vonnis niet-ontvankelijk verklaard.

Verzoekster heeft nu opnieuw verzocht een moratorium toe te wijzen, wederom voor de duur van zes maanden. Dit verzoek ziet op de ontruiming van dezelfde huurwoning en heeft wederom betrekking op hetzelfde ontruimingsvonnis van 21 april 2022. Artikel 287b lid 5 Fw bepaalt echter dat de desbetreffende voorlopige voorziening wordt uitgesproken voor de duur van maximaal zes maanden. Door het eerder afgekondigde moratorium is deze periode inmiddels verstreken. De wet voorziet niet in een mogelijkheid om een moratorium voor meer dan zes maanden uit te spreken.

Gezien het bovenstaande wijst de rechtbank het verzoek om een moratorium af.

De rechtbank stelt ook vast dat het minnelijk traject nog in de beginstadium zit en naar verwachting niet op korte termijn zal zijn afgerond. Verzoekster zal gelet op het bepaalde in artikel 285, eerste lid, sub f, in samenhang met artikel 287, tweede lid, Fw, ten aanzien van het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Fw, niet-ontvankelijk worden verklaard. Zo nodig kan verzoekster te zijner tijd een nieuw verzoek indienen.

5 De beslissing

De rechtbank:

- wijst het verzoek ex artikel 287b Fw af;

- verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in zijn verzoek ex artikel 284, tweede lid, Fw.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.J. Tideman, rechter, en in aanwezigheid van A.B.T. Fernandes Pedra, griffier, in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2026.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »